**1..** In deze verordening wordt verstaan onder:
bijstand: algemene en bijzondere bijstand;
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Almere;
doelgroep: personen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de wet;
doelgroep loonkostensubsidie: personen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a,van de wet, van wie is vastgesteld dat zij met voltijdse arbeid niet in staat zijn tot het verdienen van het wettelijk minimum uurloon, doch wel mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben, alsmede personen als bedoeld in artikel 10d, tweede lid van de wet;
gemeenteraad: de gemeenteraad van de gemeente Almere;
grote afstand tot de arbeidsmarkt: deelname aan de arbeidsmarkt is redelijkerwijs niet mogelijk binnen één jaar;
kleine afstand tot de arbeidsmarkt: deelname aan de arbeidsmarkt is redelijkerwijs mogelijk binnen één jaar;
uitkeringsgerechtigde; personen die algemene bijstand ontvangen
loonwaarde: vastgesteld percentage van het rechtens geldende loon voor de door een persoon, die tot de doelgroep loonkostensubsidie behoort, verrichte arbeid in een functie naar evenredigheid van de arbeidsprestatie in die functie van een gemiddelde werknemer met een soortgelijke opleiding en ervaring, die niet tot de doelgroep loonkostensubsidie behoort;
IOAW: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers;
IOAZ: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen;
voorziening: door het college noodzakelijk geachte voorziening, gericht op arbeidsinschakeling waaronder mede wordt begrepen persoonlijke ondersteuning bij het verrichten van opgedragen taken;
overige voorzieningen: voorzieningen als bedoeld in artikel 8a, tweede lid, onder f, van de wet;
vermogen: waarde van de bezittingen waarover de persoon of diens gezin beschikt of redelijkerwijs kan beschikken als bedoeld in artikel 34, van de wet, met uitzondering van het in de woning met bijbehorend erfgebonden vermogen, bedoeld in artikel 50, eerste lid, van de wet;
wet: Participatiewet;
sociale activering: het verrichten van onbeloonde maatschappelijk zinvolle activiteiten gericht op arbeidsinschakeling of, als arbeidsinschakeling nog niet mogelijk is, op zelfstandige maatschappelijke participatie;
interne werkbegeleiding: door een collega geboden dagelijkse werkbegeleiding op de werkvloer omdat de werknemer anders niet in staat is zijn werkzaamheden uit te voeren, en waarbij sprake is van meer dan de gebruikelijke begeleiding van een werknemer op een werkplek;
jobcoaching: door een erkende deskundige geboden methodische ondersteuning aan personen met een arbeidsbeperking en aan werkgevers, gericht op het vinden en behouden van werk;
persoonlijke ondersteuning bij werk: ondersteuning als bedoeld in artikel 10, eerste en derde lid, van de wet en begeleiding op de werkplek als bedoeld in artikel 10da, van de wet;
praktijkroute: het proces om de persoon, behorend tot de doelgroep, in het doelgroepenregister op te laten nemen op basis van loonwaardevaststelling op de werkplek;
werkgever: degene die op basis van een arbeidsovereenkomst de bevoegdheid heeft om de arbeid van een werknemer gedurende een overeengekomen periode aan te wenden in zijn organisatie;
werknemer: persoon die op basis van een arbeidsovereenkomst arbeid verricht bij de werkgever, daaronder begrepen een persoon als bedoeld in artikel 10d, eerste of tweede lid, van de wet, met wie de werkgever een dienstbetrekking is aangegaan, dan wel dit van plan is;
doelgroep beschut werk; personen als bedoeld in artikel 10b, eerste lid, van de wet.
**2..** Alle niet nader omschreven begrippen in deze verordening, worden gebruikt zoals zij zijn gedefinieerd in de Algemene wet bestuursrecht, de Participatiewet en overige in deze verordening aangehaalde wetten.
Hoofdstuk 1.
Artikel 1.
Begrippen en definities
Onderdeel van Verordening Participatiewet Almere 2024