Intrekken van de vergunning
De vergunning kan door het college van burgemeester en wethouders worden ingetrokken indien:
blijkt dat de vergunning ten gevolge van een onjuiste of onvolledige opgave is verleend;
blijkt dat de vergunninghouder de voorschriften als bedoeld in artikel 10 niet naleeft;
de omstandigheden aan de kant van de vergunninghouder zich zodanig hebben gewijzigd dat het belang van het monument zwaarder dient te wegen.
niet binnen 52 weken na verzending van de vergunning gebruik wordt gemaakt.
Van het besluit tot intrekking van een vergunning wordt een kopie aan de monumentencommissie gezonden.