Naast tijdelijke huisvesting is het ook mogelijk om jaarrond arbeidsmigranten op eigen terrein te huisvesten. Hiervoor gelden - naast de in hoofdstuk 4 opgenomen algemene voorwaarden - de volgende aanvullende voorwaarden:
De (semi-)permanente huisvestingsvoorziening wordt geplaatst binnen het (agrarisch) bouwvlak;
Een initiatiefnemer dient zijn arbeidsbehoefte te onderbouwen. Hierbij kan gebruikgemaakt worden van de onder 3.3 opgenomen tabel (met inachtneming van hetgeen onder 5.1.1. overwogen);
Werknemers mogen worden gehuisvest in een bij het bedrijf behorende bedrijfswoning, in een ander pand of in nieuw te realiseren bebouwing. Werknemers mogen alleen worden gehuisvest in een bestaand bedrijfsgebouw als de verblijfsbieder kan aantonen dat een aanvaardbaar woon- en leefklimaat gegarandeerd is. De woonruimte moet voldoen aan de normen van de keurmerken (SNF en/of AKF) en er moet sprake zijn van toezicht;
De (semi)permanente huisvestingsvoorzieningen zijn zodanig in de omgeving ingepast dat de omgeving geen onevenredige hinder ondervindt van de bebouwing en dat de bebouwing geen afbreuk doet aan de landschappelijke kwaliteiten van het gebied;
Voor elke huisvestingslocatie dient een omgevingsvergunning aangevraagd te worden, die wordt getoetst aan het vigerende omgevingsplan, bouwregelgeving en de van toepassing zijnde wettelijke en beleidskaders;
Het maximumaantal te huisvesten werknemers (50) geldt tevens voor een mogelijke combinatie van tijdelijke en permanente huisvestingsvoorzieningen.