**1..** Om in aanmerking te komen voor subsidie zoals bedoeld in artikel 4 van deze subsidieregeling dient te worden voldaan aan de volgende vereisten:
er is vanuit deze regeling niet eerder een subsidie verstrekt voor de getroffen maatregel;
er is nog niet gestart met het uitvoeren van de maatregel;
de maatregel blijft minimaal 5 jaar in stand;
aanvrager staat toe dat het college gedurende de minimale instandhoudingsperiode na uitvoering van de maatregel(en) ter plaatse controleert of de maatregel(en), waarvoor subsidie is verleend daadwerkelijk is/zijn getroffen.
er wordt voldaan aan de specifieke eisen uit lid 2 van dit artikel.
de gevraagde bewijsstukken zoals opgenomen in artikel 9 zijn aangeleverd.
van uitvoering en afronding van de maatregel worden foto’s gemaakt ten behoeve van de subsidievaststelling zoals opgenomen in artikel 11. Deze worden per email verstrekt aan het college. Het emailadres is te vinden op de gemeentelijke website.
bij afkoppeling is het af te koppelen dak onderdeel van het afkoppelgebied. Als het af te koppelen dakoppervlak niet is gelegen in het afkoppelgebied, dan moet de aanvrager aantonen dat het betreffende perceel geschikt is voor de benodigde infiltratievoorziening.
**2..** Specifiek voor de maatregelen in artikel 4 gelden de volgende eisen:
Artikel 4 sub a:
Ontharding en de vergroening van erfverharding draagt bij aan de subsidiedoelen uit artikel 2;
Er wordt minimaal 10 m2 erfverharding onthard en op minstens 50% van de totale ontharde oppervlakte vindt vergroening plaats.
Artikel 4 sub b:
De groenedaken dragen bij aan de subsidiedoelen uit artikel 2;
De minimale oppervlakte van de groenedaken is 10 m². Dit is gemeten op basis van het platte vlak. Het platte vlak wordt berekend op basis van de horizontale meting over de gehele breedte van het gebouw;
Bij de aanleg van de groenedaken wordt het belang van het bergen en vertraagd afvoeren van hemelwater in voldoende mate gediend, door een minimale waterbergende capaciteit van 30 liter per m².
Artikel 4 sub c:
Het afkoppelen van bestaand dakoppervlak draagt bij aan de subsidiedoelen uit artikel 2;
De minimaal af te koppelen oppervlakte is 20 m². Dit is gemeten op basis van het platte vlak. Het platte vlak wordt berekend op basis van de horizontale meting over de gehele breedte van het gebouw.
Er wordt een bergings- of infiltratievoorziening met een minimale waterbergende capaciteit van 30 liter per m2 op eigen terrein gerealiseerd.
Het hemelwater dat valt op het dakoppervlak wordt via de afkoppelvoorziening naar de bergings- en/of infiltratievoorziening geleid. Na volledige benutting van deze bergings- en/of infiltratievoorziening mag het hemelwater bovengronds zichtbaar overlopen naar de openbare ruimte.
De subsidieaanvrager is zelf verantwoordelijk voor het adequaat bergen en infiltreren van het hemelwater dat op het eigen perceel valt, zonder dat er een nadelig gevolg bij een omliggend perceel ontstaat. De subsidieaanvrager is ook verantwoordelijk voor eventuele ontstane beluchtingsproblemen van de eigen riolering.
Artikel 5
Voorwaarden en verplichtingen
Onderdeel van Subsidieregeling water en groen op eigen terrein