De gemeente hoeft geen hulp-op-maat te verstrekken als de beperking van een inwoner met een algemeen gebruikelijke voorziening kan worden opgelost.
Een voorziening is algemeen gebruikelijk als deze (CRvB 20-11-2019, ECLI:NL:CRVB:2019: 3535):
niet specifiek bedoeld is voor personen met een beperking;
daadwerkelijk beschikbaar is;
een passende bijdrage levert aan het zorgen voor een situatie waarin de inwoner zelfredzaam kan zijn of kan participeren en;
met een inkomen op minimumniveau financieel kan worden gedragen
Om te bepalen of een hulpmiddel financieel kan worden gedragen met een inkomen op minimumniveau moet hiervoor een berekening worden gemaakt op basis van het minimabeleid. De formule daarvoor is:
"een hulpmiddel kan financieel worden gedragen met een inkomen op minimumniveau indien de kosten daarvan binnen een termijn van 36 maanden kunnen worden terugbetaald bij een aflossing van 5% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm”. Bovenstaande berekening is gebaseerd op jurisprudentie onder Rechtbank Den Haag, 11-02-2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:2084, gemeente Den Haag
De gemeente mag hierbij ook rekening houden met beschikbare tweedehands voorzieningen
Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.3
Artikel 2.3.6
Algemeen gebruikelijk, Wmo
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Dalfsen