Naar hoofdinhoud
1.. Op alle informatie van de commissie rust op grond van de wet de verplichting tot geheimhouding, die zich strekt tot eenieder die van de informatie kennis draagt. 2.. De vergaderingen van de commissie zijn besloten. 3.. De voorzitter van de commissie wijst in elke vergadering op de geheimhoudingsplicht. 4.. Aan degene die geen lid, adviseur of (plaatsvervangend) secretaris zijn van de commissie wordt op grond van de wet geen informatie omtrent de inhoud van de stukken of het behandelde ter vergadering of in het gesprek verstrekt. 5.. De commissie treft een voorziening met betrekking tot de wijze waarop de geheimhouding blijft gewaarborgd bij het beheer van bescheiden, het voeren van correspondentie en bij de bepaling van plaats en tijdstip van de gesprekken. 6.. De geheimhouding geldt tijdens het bestaan van de commissie en blijft ook na de ontbinding van kracht.

Rechtspraak bij dit artikel