Slechts als het voor de uitvoering van werkzaamheden of activiteiten noodzakelijk is dat met het voertuig verkeersregels en -tekens van het RVV 1990 moeten worden overtreden, verleent het college ontheffing van artikelen binnen artikel 87 RVV. Voormeld noodzakelijkheidscriterium is nader uitgewerkt in het tweede en derde lid.
De navolgende omstandigheden kunnen reden zijn om een ontheffing te verlenen:
De werkzaamheden van de ontheffingaanvrager hebben een zo spoedeisend karakter dat, indien men niet onmiddellijk in de naaste omgeving van de uit te voeren werkzaamheden kan parkeren, onevenredige schade zou kunnen ontstaan;
Bij directe verbondenheid van het voertuig aan de uit te voeren werkzaamheden. In het voertuig waarvoor ontheffing is aangevraagd is apparatuur aangebracht die vast met het voertuig is verbonden en die in de directe omgeving van de uit te voeren werkzaamheden beschikbaar moet zijn;
Te overbruggen afstand voor levering zware en/of extreem volumineuze materialen of goederen. De afstand die in het kader van de werkzaamheden met zware materialen moet worden overbrugd, is zodanig dat in redelijkheid niet verlangd kan worden dat dit zonder gebruikmaking van het voertuig plaatsvindt;
Uitvoering van overheidstaken, gericht op beheer en onderhoud, alsmede handhaving en toezicht. Andere dan de boven genoemde werkzaamheden, die niet zonder ontheffing kunnen worden uitgevoerd:
Voertuigen in gebruik van opsporing- en toezichthoudende overheidsdiensten ten tijde van hun opgedragen taakuitoefening;
Voertuigen ten dienste van overheden ten tijde van deze daadwerkelijke uitvoering van werkzaamheden in opdracht van de overheid;
Voertuigen t.b.v. de gemeentelijke crisisstaf, tijdens de uitvoering van hun taak.
Verhuizingen;
Trouw- en rouwauto's en volgauto's (max. 3 stuks incl. trouw- of rouwauto).
Navolgende omstandigheden zijn in elk geval geen reden om ontheffing te verlenen:
Om redenen van efficiënte bedrijfsvoering;
Het vereenvoudigen van werkzaamheden ten behoeve van derden;
Het verkorten van routes van en naar plaatsen van tewerkstelling;
Het uitvoeren van werkzaamheden die op een andere wijze kunnen worden gedaan, zonder dat de regelgeving van het RVV 1990 hoeft te worden overtreden;
Het parkeren op gehandicaptenparkeerplaatsen;
Het parkeren op marktdagen daar waar de markt staat.
Bij een beroep op bijzondere omstandigheden kan het college afwijken van bovenstaande aanvraaggronden. Bij een beroep op deze bijzondere omstandigheden wordt de aanvraag tenminste getoetst op de volgende criteria:
Er ontbreekt een adequaat alternatief;
De belangen van de aanvrager zijn niet in strijd met de belangen van doorstroming en verkeersveiligheid;
Wanneer de ontheffing wordt verstrekt ontstaat geen ongewenste precedentwerking.
Artikel 3.
Aanvraaggronden
Onderdeel van Beleidsregels voor het verlenen van ontheffingen ingevolge artikel 87 RVV 1990 Gemeente Hardinxveld-Giessendam 2024