Naar hoofdinhoud

Artikel 3.6

Bijzondere voorzieningen

Onderdeel van Beleidsregels en nadere regels Vervoer naar en van school gemeente Diemen 2024

Ter uitwerking van artikel 3.6 lid 1 en 2 stelt het college de volgende nadere regels over stagevervoer en vervoer in verband met verblijf in pleeggezin of internaat. Stagevervoer Wanneer stage een onderdeel van het onderwijsprogramma is en de leerling een vervoersvoorziening heeft naar en van school, bestaat ook recht op de vervoersvoorziening naar het stageadres. Hiervoor moet een aparte aanvraag worden ingediend. Een aanvraag om vervoer naar een stageplek moet vergezeld gaan van een stage-overeenkomst. Vervoer naar stageadressen vindt alleen op schooldagen plaats, dus niet tijdens het weekend en gedurende schoolvakanties. Vervoer naar stage voor leerlingen in het voortgezet speciaal onderwijs wordt alleen bekostigd als de stage deel uitmaakt van het uitstroomprofiel arbeid of onderwijs. Hierbij wordt gekeken naar het Persoonlijk Ontwikkelingsplan (PPO). Er vindt geen bekostiging plaats als de stage deel uitmaakt van dagbesteding. Pleeggezin/Internaat Voor vervoer van het internaat of pleeggezin moet een aanvraag gedaan worden bij de gemeente waar internaat of pleeggezin gevestigd is. Tijdelijk verblijf buiten de gemeente Het college kan een tijdelijke vervoersvoorziening toekennen aan de ouders van een leerling, die als gevolg van een crisessituatie tijdelijk buiten de gemeente verblijft wanneer de leerling zijn eigen school blijft bezoeken. Vervoersvoorziening voor weekeinde en vakantie Het college vraagt bij een aanvraag voor een vervoersvoorziening voor het weekeinde en vakantievervoer naar de reden van plaatsing in een internaat of pleeggezin. Een dergelijke vervoersvoorziening wordt alleen verstrekt als de leerling in een internaat of pleeggezin verblijft voor het volgen van passend (voortgezet) speciaal onderwijs. Er wordt geen vergoeding gegeven naar en van de woning van ouders wanneer de leerling om medische of sociale redenen in een internaat of pleeggezin woont en daar in de buurt een school bezoekt. Voorbeeld: Uw kind is aangewezen op onderwijs voor dove kinderen. Vanuit uw woning is dit onderwijs niet bereikbaar met dagelijks vervoer. Verblijf in een internaat of een pleeggezin in de buurt van een geschikte school is daarom noodzakelijk. U kunt, in dit geval, in de gemeente waar u woont een aanvraag voor een vervoersvoorziening voor weekeinde- en vakantievervoer indienen. De vervoersvoorziening Het weekeindevervoer is voor de reis van het internaat of het pleeggezin waar de leerling verblijft naar de woning van ouders en terug. Het vakantievervoer is voor de reis van het internaat of het pleeggezin waar de leerling verblijft naar de woning van ouders en terug, voor zover de vakantie is opgenomen in de schoolgids en minimaal twee dagen duurt. Vervoer naar Buitenschoolse opvang (BSO) Vervoer naar en van school is uitsluitend bedoeld voor vervoer van en naar school en omgekeerd. In bepaalde gevallen staat het college vervoer toe naar een opvangadres na schooltijd, anders dan het woonadres. Onder een opvangadres na schooltijd valt in ieder geval niet: een adres voor een vorm van therapie, dagbehandeling of een sportvoorziening. Er valt in ieder geval wel onder: geregistreerde buitenschoolse opvang, geregistreerde gastouderopvang, logeerhuis, logeergastgezin, opa, oma of buren. Vervoer van school naar een opvangadres na schooltijd is mogelijk als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: De leerling heeft een beschikking voor aangepast vervoer; Het vervoer naar het opvangadres leidt niet tot individueel vervoer en/of tot hogere kosten dan het vervoer naar het woonadres, dan wel langere reistijd voor de overige leerlingen; Er dient sprake te zijn van een vast patroon, dit wil zeggen een vast adres alsook vaste dag(en) per week, welke bij de aanvraag wordt opgegeven. Het college bepaalt dat vervoer naar buitenschoolse opvang mogelijk wordt gemaakt indien alle bovenstaande voorwaarden van toepassing zijn.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel