Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.3

Uitgaven jeugdhulp

Onderdeel van Regiovisie Jeugdhulp 2023-2026

Binnen Samen voor Jeugd zijn de uitgaven aan specialistische jeugdhulp voor 2022 geprognosticeerd op zo’n € 72 miljoen. Het grootste deel daarvan wordt besteed aan behandeling en begeleiding van jeugdigen, ofwel ambulante hulp (58%). Een kleiner deel gaat naar jeugdigen die ergens verblijven waar zij jeugdhulp ontvangen (pleeggezin, instelling). Een deel van de kosten wordt ingezet voor zorg die door de landelijke overheid gecontracteerd is. Dat betreft zeer specialistische of zeer weinig voorkomende zorg, bijvoorbeeld bij eetstoornissen, verslavingszorg of genderproblematiek. 8% wordt uitgegeven aan zorg die niet door de regio gecontracteerd is. Om te voorzien in een dekkend aanbod van zorg is het soms nodig een niet gecontracteerde aanbieder in te zetten voor een client (bijvoorbeeld als gevolg van het nieuwe woonplaatsbeginsel). Het is onze ambitie om het gecontracteerde zorgaanbod dekkend te laten zijn. Dat betekent dat de inzet van niet-gecontracteerde zorg de komende jaren niet moet doorstijgen en waar mogelijk moet afnemen. Om hier gericht op te kunnen sturen is meer data en duiding van die data nodig, hiervoor zetten we de benodigde acties in. Er zijn ook ouders die in overleg met de gemeente zelf zorg inkopen met behulp van een persoonsgebonden budget (pgb). Dit betreft 3% van de uitgaven en kan vrijwel alle zorgvormen betreffen. 1% van de kosten gaat naar vervoersvoorzieningen. Vervoer wordt alleen ingezet als de omgeving van een jeugdige niet zelf voor vervoer van of naar een jeugdhulpaanbieder kan zorgen. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de categorieën van jeugdhulp en het percentage van de kosten daarvan: Categoriejeugdhulp Aandeel van totalejeugdhulpbudget Behandeling 37% Begeleiding 21% Verblijf 19% Landelijk ingekochte zorg 11% Niet gecontracteerde zorg (NGZ) 8% Persoonsgebonden budget (pgb) 3% Vervoer 1% Tabel 2: aandeel in kosten specialistische jeugdhulp Samen voor Jeugd 2022. De gegevens over 2022 zijn voorlopig.

Rechtspraak bij dit artikel