Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Het aangaan en beëindigen van een Overeenkomst

Onderdeel van Beleid Integriteit Zorgovereenkomsten Kop-gemeenten 2024

1.. Voorafgaand aan het sluiten van een Overeenkomst komt de gemeenten te allen tijde contractsvrijheid toe. De gemeenten hebben het daaruit voortvloeiende recht om geen Overeenkomst met een Zorgpartij aan te gaan, mede of uitsluitend op basis van het feit dat de gemeenten van oordeel zijn dat ten aanzien van die Zorgpartij een Integriteitsrisico bestaat. Met betrekking tot Overeenkomsten bestaat een Integriteitsrisico indien sprake is van een situatie als genoemd in artikel 4 en 5 van deze beleidsregel. 2.. De gemeente kan gedragingen en omstandigheden van aan een Zorgpartij gelieerde Zorgpartijen of personen, tot een periode van vijf jaar terug, bij de beoordeling van de vraag of er sprake is van een Integriteitsrisico betrekken. Onder gelieerde Zorgpartijen worden in ieder geval verstaan personen of Zorgpartijen die: direct of indirect leiding aan Zorgpartij geven of hebben gegeven; over Zorgpartij zeggenschap hebben of hebben gehad; aan Zorgpartij vermogen verschaffen of hebben verschaft; onderdeel zijn of zijn geweest van dezelfde groep als bedoeld in artikel 2:24b BW; in een zakelijk samenwerkingsverband tot Zorgpartij staan of hebben gestaan; op Zorgpartij anderszins direct of indirect invloed uitoefenen of hebben uitgeoefend. 3.. De gemeenten hebben de mogelijkheid om, in aanvulling op haar wettelijke rechten en bevoegdheden, in een Overeenkomst een integriteitsclausule op te nemen, op basis waarvan zij onder meer het recht heeft om (I) de betrokken Zorgpartij(en) gedurende de looptijd van de Overeenkomst te Screenen en (II) de Overeenkomst op te schorten of tussentijds te beëindigen vanwege een Integriteitsrisico of het feit dat door de betrokken Zorgpartij(en) onvoldoende medewerking aan een Screening of aan het wegnemen van het Integriteitsrisico wordt verleend. 4.. De gemeenten verwijzen bij Overeenkomsten met Zorgpartijen via de Integriteitsclausule naar de toepasselijkheid van dit beleid. 5.. De gemeenten zijn gerechtigd de onderhandelingen of besprekingen terzake de Overeenkomst te beëindigen, de Zorgpartij uit te sluiten van deelname of de overeenkomst tussentijds te beëindigen indien en zodra de Zorgpartij de integriteitsclausule niet accepteert. 6.. Bij de beslissing om met een Zorgpartij vanwege het bestaan van een Integriteitsrisico: geen Overeenkomst aan te gaan, een reeds gesloten Overeenkomst te beëindigen, maakt de gemeente altijd een afweging tussen het Integriteitsrisico en de maatregel. Bij deze afweging worden de volgende aspecten betrokken: de maatregelen die een Zorgpartij heeft getroffen om herhaling van het Integriteitsrisico te voorkomen; de zwaarte van het Integriteitsrisico in kwestie; het totale aantal Integriteitsrisico’s of onderliggende delicten of kwesties; de verstreken tijd sinds het zich voordoen van het Integriteitsrisico; de vraag of er reeds een (passende) sanctie is opgelegd naar aanleiding van het Integriteitsrisico in kwestie; de mate van betrokkenheid van leidinggevenden of sleutelpersoneel bij het Integriteitsrisico. 7.. Indien de gemeenten voornemens zijn om een Overeenkomst te beëindigen wegens een Integriteitsrisico, bieden de gemeenten Zorgpartij(en) de gelegenheid om op het voornemen te reageren voordat de Overeenkomst daadwerkelijk beëindigd wordt. De colleges van burgemeester en wethouders kan besluiten van deze hoorplicht af te zien indien de omstandigheden aanleiding geven tot snel handelen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel