**1..** Het college kan één of meerdere specifieke voorzieningen inzetten ten behoeve van een persoon met een arbeidsbeperking.
**2..** Onverminderd het bepaalde in de artikelen 6 en 7 gelden de volgende aanvullende voorwaarden:
de persoon is minimaal achttien jaar oud, tenzij hij PRO/VSO onderwijs heeft genoten;
de persoon kan zonder deze vorm van ondersteuning niet aan het arbeidsproces deelnemen;
het betreft geen Arbo-taak waarvoor de werkgever verantwoordelijk is;
het betreft geen meeneembare voorziening die tot de standaarduitrusting van de werkgever behoort of algemeen gebruikelijk is in een organisatie;
er is naar het oordeel van het college geen sprake van een werkplekaanpassing die in zijn algemeenheid van de werkgever kan worden verlangd; en
de kosten van de voorziening(en) zijn naar het oordeel van het college proportioneel, dat wil zeggen dat de investering in de voorziening moet opwegen tegen de (maatschappelijke) opbrengsten van uitstroom naar werk.
**3..** Het college kan zich met betrekking tot de noodzaak voor een specifieke voorziening laten adviseren door een (arbeids-)deskundige.
Hoofdstuk 4.
Artikel 34.
Voorwaarden specifieke voorzieningen voor personen met een arbeidsbeperking
Onderdeel van Re-integratieverordening Participatiewet gemeente Midden-Delfland 2024