Burgemeester en wethouders nemen voor het tijdstip, als bedoeld
in artikel 11, tweede lid, een beslissing op de aanvraag.
De aanvraag wordt toegewezen indien en voor zover:
er voldoende middelen voor de bekostiging van de kosten van
bouwvoorbereiding beschikbaar zijn;
de noodzaak van de gewenste voorziening voldoende
vaststaat;
er een reële mogelijkheid is dat de voorziening in het gewenste
jaar van uitvoering voor bekostiging in aanmerking kan worden
gebracht.
Indien de aanvraag wordt toegewezen, vermeldt de beschikking tot
welk bedrag de kosten van bouwvoorbereiding worden vergoed. Het
bedrag kan in termijnen aan de aanvrager beschikbaar worden
gesteld, echter steeds op een zodanig tijdstip dat de aanvrager
aan zijn financiële verplichtingen jegens derden die hij heeft
ingeschakeld bij de bouwvoorbereiding, kan voldoen. De aanvrager
en burgemeester en wethouders maken afspraken over de
daadwerkelijke beschikbaarstelling van het bedrag.
Aan een toewijzing als bedoeld in het tweede lid kunnen door de
aanvrager geen rechten worden ontleend ten aanzien van de
plaatsing van de voorziening op enig toekomstig programma.
HOOFDSTUK 4
Artikel 27
Beschikking op aanvraag
Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs 2011