Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Algemene plaatsingsvoorschriften terrassen

Onderdeel van Nadere regels terrassen Delft 2024

1.. Een terras wordt uitsluitend in het verlengde van het eigen pand uitgezet, specifieke plaatsingsvoorschriften zoals opgenomen in de nadere regels danwel beleidsregels uitgezonderd. 2.. Een terras wordt zodanig ingericht, dat alle toegangsdeuren van derden vrij en bereikbaar blijven. 3.. De inrichting en het gebruik van het terras brengen de verkeersveiligheid op geen enkele wijze in gevaar en onderbreken op geen enkel moment de geleidelijnen voor blinden en slechtzienden. 4.. Terrassen gelegen voor een hoekpand laten het zicht op historische pleinen, grachten, bruggen en straten onbelemmerd. 5.. Het beheer en onderhoud van de weg en evenementen, markten en kermissen hebben voor de duur ervan voorrang boven het exploiteren van een terras. 6.. Een terras gelegen op een rijroute van de hulpdiensten is zodanig ingericht dat altijd een vrije doorgang van ten minste 3,50 m breed is gegarandeerd. 7.. Objecten behorend bij het terras bevinden zich altijd binnen de grenzen van het terras. 8.. Het gebruik van straatmeubilair wordt door het terras op geen enkele wijze gehinderd.

Rechtspraak bij dit artikel