De door het college te verstrekken vervoersvoorzieningen kunnen bestaan uit:
collectief vervoer;
een door spierkracht voortbewogen vervoermiddel;
een scootmobiel;
een autoaanpassing.
Een cliënt kan aanspraak maken op een vervoersvoorziening als hij belemmeringen ondervindt in het lokaal verplaatsen en gebruik van het openbaar vervoer of het bereiken van het openbaar vervoer niet mogelijk is.
Een toekenning van een ma frequente vervoersbehoefte. Of wanneer het bezoek voor de aanvrager noodzakelijk is om dreigende vereenzaming te voorkomen.
In het geval zich een uitzonderingssituatie voordoet waarbij het gaat om een bovenregionaal contact, dan vindt een doorverwijzing plaats naar de voorliggende landelijke voorziening.
Autoaanpassing: indien de bewoner aangewezen is op een eigen auto als vervoersmiddel én er als gevolg van de beperking van de bewoner een autoaanpassing naar het oordeel van het college noodzakelijk is, kan deze als voorziening verstrekt worden. Een autoaanpassing wordt niet preventief verstrekt. Om te bepalen of de bewoner in aanmerking komt voor een autoaanpassing, worden de volgende aspecten gewogen:
een andere vervoersvoorziening biedt geen passende oplossing (algemeen gebruikelijke voorziening of een maatwerkvoorziening als een bijzondere fiets, scootmobiel of collectief vervoer).
het gebruik van de eigen auto is vanwege de aard van de beperking noodzakelijk voor het zich lokaal kunnen verplaatsen.
de bewoner of ouder/verzorger van een jeugdige waar de autoaanpassing voor bestemd is, is eigenaar en/of bestuurder van de auto.
er is sprake van meerkosten ten opzichte van de periode voordat de beperkingen
ontstonden.
een autoaanpassing is de goedkoopst adequate oplossing.
de te maken kosten van de autoaanpassing staan in redelijke verhouding tot het gebruik, de geldigheidsduur van het rijbewijs, de verwachte levensduur en technische staat van de auto. Indien een auto ouder is dan acht jaar en er meer dan 75.000 kilometer mee is gereden, is een technische keuring van de auto door een onafhankelijke instantie (bijvoorbeeld de ANWB) nodig om te kunnen beoordelen of de aanpassing nog verantwoord is.
algemeen gebruikelijke autoaanpassingen. Een aantal autoaanpassingen zijn algemeen gebruikelijk, zoals stuurbekrachtiging, rembekrachtiging, automatische versnelling, een auto met hoge instap, een (verstelbare) autostoel met een goed zitcomfort en/of zithouding. Van de inwoner wordt verwacht dat bij de aanschaf van een auto rekening heeft gehouden met de op dat moment aanwezige of voorzienbare beperkingen en daarbij voldoende aandacht heeft besteed aan de genoemde algemeen gebruikelijke mogelijkheden.
de afstand van het vervoer. De gemeente heeft een compensatieplicht voor een afstand conform het collectief lokaal vervoer (25 km vanaf de woning). Indien de bewoner als gevolg van zijn beperking pas klachten krijgt na het rijden van langere afstanden, wordt hiervoor geen voorziening verstrekt.
Hoofdstuk 3:
Artikel 3.10
Maatwerkvoorziening vervoer
Onderdeel van Nadere regels maatschappelijke ondersteuning Pekela 2024