Naar hoofdinhoud

Afdeling I › Hoofdstuk 2:

Artikel 2.5

Voorwaarden toekennen van individuele voorzieningen.

Onderdeel van Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Loon op Zand

1.. Een individuele voorziening kan slechts worden toegekend voor zover: a.. deze minimaal zes maanden noodzakelijk is om de beperkingen op het gebied van het voeren van het huishouden, het verplaatsen in en om de woning, het zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel en bij het ontmoeten van medemensen en op basis daarvan sociale verbanden aangaan op te heffen of te verminderen; b.. in uitzondering op hetgeen gesteld in het eerste lid, sub a kan een voorziening voor kortdurende noodzaak worden toegekend als het gaat om kortdurende hulp bij het huishouden dan wel spoedeisende hulp; c.. deze, naar objectieve maatstaven gemeten, als de goedkoopst adequate voorziening kan worden aangemerkt; d.. deze in overwegende mate op het individu is gericht; 2.. Geen individuele voorziening wordt toegekend: a.. indien de voorziening voor een persoon als de aanvrager algemeen gebruikelijk is; b.. indien de aanvrager niet woonachtig is in de gemeente Loon op Zand; c.. voor zover de ondervonden problemen bij het normale gebruik van de woning voortvloeien uit de aard van de in de woning gebruikte materialen; d.. voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de aanvrager voorafgaand aan het moment van beschikken heeft gemaakt dan wel waar vooraf geen toestemming voor is gegeven door het college van burgemeester en wethouders; e.. indien een voorziening als die waarop de aanvraag betrekking heeft reeds eerder krachtens deze verordening, dan wel krachtens de aan deze verordening voorafgaande Verordening voorzieningen gehandicapten, is verstrekt nog steeds als zijnde adequaat wordt beschouwd en de normale afschrijvingstermijn van de voorziening nog niet is verstreken, tenzij de eerder vergoede of versterkte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de aanvrager zijn toe te rekenen; f.. voor zover er aan de zijde van de aanvrager geen sprake is van aantoonbare meerkosten in vergelijking met de situatie voorafgaand aan het optreden van de beperkingen waarvoor de voorziening wordt aangevraagd; g.. Voor zover de gevraagde voorzieningen betrekking hebben op een hoger niveau dan het uitrustingsniveau voor sociale woningbouw; 3.. Het college maakt geen gebruik van de bevoegdheid om de gevraagde voorziening op grond van het bepaalde in lid 2 onderdeel d te weigeren, indien zij uitdrukkelijk schriftelijk toestemming heeft gegeven tot het maken van de kosten, dan wel indien het college de noodzaak voor een individuele voorziening nog kan vaststellen.

Rechtspraak bij dit artikel