Naar hoofdinhoud
Deze nadere regel verstaat onder: aanwijzingsbesluit: het Aanwijzingsbesluit artikel 5:13 Algemene plaatselijke verordening Utrecht 2010, standplaatsen. brancheringsregeling/branchering: het onderscheiden van verschillende branches en het uitsluiten van branches van vestiging of bij het verlenen van standplaatsvergunningen voor verkoop in de openbare ruimte. cluster: een cluster is een locatie waarbij meerdere standplaatsen op dezelfde dag(en) worden ingenomen binnen een straal van 50 meter. Een cluster omvat maximaal 5 standplaatsen. dagstandplaats: een standplaats op een vaste, door het college aangewezen, locatie die gedurende het gehele kalenderjaar één of meerdere sta-dag(en) per week kan worden ingenomen. hoofdproduct: het product dat door de ondernemer als primair product aangeboden wordt. incidentele standplaats binnenstad: een standplaats gelegen binnen de singels op een vaste door het college aangewezen locatie en gedurende een beperkte tijd (maximaal drie dagdelen) kan worden ingenomen. Het gebied binnen de singels bestaat uit het gebied dat wordt begrensd door de Catharijnesingel, Weerdsingel, Wittevrouwensingel, Maliesingel en Tolsteegsingel. incidentele standplaats buiten binnenstad: een standplaats gelegen buiten de singels en gedurende een beperkte tijd (maximaal drie dagdelen) kan worden ingenomen. kavel: combinatie van door het college aangewezen standplaatslocatie, sta-dag(en), positie, maat en oppervlak. mobiel verkooppunt: vitrines, toonbanken e.d. die vanuit winkels of horeca-inrichtingen een openbare plaats op worden gereden in de directe omgeving van de betreffende winkel of horeca-inrichting en van waaruit voor een korte periode verkoop plaatsvindt. seizoenstandplaats: een standplaats op een vaste door het college aangewezen locatie voor de verkoop van producten die aan het zomer- of winterseizoen gebonden zijn (zoals oliebollen en ijs) en gedurende een bepaalde aaneengesloten periode. Het zomerseizoen is maximaal 6 maanden en loopt van 1 april tot 1 oktober en het winterseizoen is maximaal 6 maanden en loopt van 1 oktober tot 1 april het jaar opvolgend. sta-dag(en): de dag(en) waarop de vergunninghouder de standplaats mag innemen. verordening: Algemene plaatselijke verordening Utrecht 2010. verspreide locaties: kavels gelegen bij o.a.parken en begraafplaatsen, en niet in de directe omgeving van een winkelgebied winkelgebied: openbare ruimte met bouwblokken waar de meeste panden uit winkels bestaan

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel