De schending van de arbeidsplicht die op grond van de verordening kan leiden tot de maatregel van verlaging, bestaat uit de volgende gedragingen:
Het niet ingeschreven staan als werkzoekende bij het UWV, de gedraging valt onder categorie A;
Het belemmeren van de inschakeling in arbeid, deze gedraging valt onder categorie D;
Het niet of onvoldoende gebruik maken van een aangeboden voorziening of niet meewerken aan en onderzoek naar de mogelijkheden voor arbeidsinschakeling, deze gedraging valt onder categorie D.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2.2
Artikel 20.
Schending arbeidsplicht verlaging, artikel 20 IOAW/IOAZ
Onderdeel van Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ Gouda 2024