Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Subsidiabele activiteiten

Onderdeel van Nadere regel subsidie culturele broedplaatsen stedelijke regio Utrecht

1.. De volgende activiteiten komen voor subsidie in aanmerking: Activiteiten die plaatsvinden binnen het tijdsbestek 2024-2025; Activiteiten behorende tot de initiatieffase, zoals beoordeeld in artikel 7, lid 4, waaronder: Opstellen van een concept-/visiedocument, stakeholderanalyse, project-/ondernemingsplan, exploitatiebegroting en/of opzetten van een beheerinstelling; Voorbereidingskosten: dit zijn opstartkosten voor de organisatie en voor projectmanagement; Activiteiten behorende tot de realisatiefase, zoals beoordeeld in artikel 7, lid 5, waaronder: Verwervingskosten: dit zijn de koopsom, de overdrachtsbelasting en financieringskosten; Bouw- en/of verbouwkosten: dit zijn arbeid- en materiaalkosten voor casco en inbouw; Advies- en begeleidingskosten: dit zijn kosten voor een architect of brandveiligheidsadviseur die zijn toe te rekenen aan de verwervingskosten en/of de bouw- en/of verbouwkosten; Voorbereidingskosten: dit zijn opstartkosten voor de organisatie en voor projectmanagement; Onvoorziene kosten. 2.. De volgende kosten zijn niet subsidiabel: Activiteiten die plaatsvinden na 2025; Kosten voor niet aard- en nagelvaste inrichting; Kosten voor eventuele (werk)ruimtes en ondergeschikte voorzieningen in het pand die niet beschikbaar worden gesteld voor kleinschalige bedrijven en organisaties in de kunst en cultuur; Kosten voor functies die in het kader van de Wet Markt en Overheid niet voor subsidie in aanmerking komen zoals horeca.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel