Naar hoofdinhoud
In aanvulling op de verplichtingen uit hoofdstuk 4 van de ASV gelden de volgende verplichtingen: Om de subsidie jaarlijks definitief te bepalen, wordt een eindrapportage overlegd. Deze dient uiterlijk op 01 juni van het volgende kalenderjaar opgestuurd te zijn. De eindrapportage bestaat uit de volgende onderdelen: Een (jaar)verslag over hoe de activiteiten zijn gegaan. Geef een toelichting als u bent afgeweken van uw plan. Een financieel jaarverslag (jaarrekening) dat voldoet aan het verantwoordingsprotocol van de gemeente Utrecht. In het financieel verslag zet u drie kolommen naast elkaar met daarin: het resultaat, de begroting en het resultaat van het voorgaande jaar. Geef een toelichting als het resultaat meer dan 10% afwijkt van uw begroting. Een controle-verklaring van een accountant over het financieel jaarverslag. Uit de verklaring moet blijken dat het Accountantsprotocol van de gemeente Utrecht is gevolgd. Deze verklaring is niet nodig als u per jaar minder dan € 100.000,00 aan subsidies van de gemeente ontvangt. U vindt het Verantwoordings- en accountantsprotocol op de website www.utrecht.nl/subsidie. Minimaal een keer per jaar vindt er een voortgangsgesprek met uw accounthouder plaats. Als u een boekjaar afsluit met een positief financieel resultaat, berekent u welk aandeel onze gemeentelijke subsidie heeft in de totale omzet. Dit gedeelte van het resultaat voegt u toe aan het ‘Bestemmingsfonds beheer cultureel vastgoed gemeente Utrecht’ (artikel 19.4 en 19.5 van de Algemene Subsidieverordening). Bedragen uit het Bestemmingsfonds gemeente Utrecht kunnen alleen worden ingezet voor activiteiten waarvoor wij subsidie hebben verleend. Als er een overschot ontstaat doordat u (een deel van uw) activiteiten niet kunt uitvoeren, dan kunnen wij tussentijds de subsidie gedeeltelijk terugvorderen. Bij de vaststelling van het laatste subsidiejaar kan een positief saldo in ‘Bestemmingsfonds gemeente Utrecht’ worden teruggevorderd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel