Naar hoofdinhoud

Artikel 22

Rolstoelvoorzieningen

Onderdeel van Nadere regels Wmo gemeente Westerkwartier

1.. De cliënt met beperkingen kan voor een rolstoel in aanmerking komen als een rolstoel noodzakelijk is voor het dagelijks zittend verplaatsen in en om de woning. 2.. De door het college te verstrekken rolstoelvoorziening kan bestaan uit: een handbewogen rolstoel of een transportrolstoel; een elektrische rolstoel; een rolstoel of vastframe handbike voor sportdoeleinden; individuele aanpassingen aan de rolstoel; rolstoelaccessoires. 3.. Bij de selectie van een rolstoel wordt gekeken naar de volgende aspecten: het gebruik: frequentie, duur en het doel; het gebruikersgebied: binnen, buiten of binnen en buiten; de aandrijving: handbewogen, mechanisch of door anderen; de zithouding: actief, passief, rust/slaaphouding; de meeneembaarheid: inklapbaar, demontabel of vastframe; de veiligheid: is het noodzakelijk te voldoen aan de code voor veilig vervoer (collectief vervoer)?; de bouw van het lichaam: het goed meten van de lichaamsmaten in combinatie met de beoogde rolstoel; standaard versus op maatgemaakt: is het noodzakelijk een op maat gemaakte rolstoel te verstrekken of kan een rolstoel uit het assortiment worden verstrekt? 4.. Een cliënt met beperkingen kan in aanmerking komen voor een financiële tegemoetkoming in de aannemelijke (meer)kosten van een sportrolstoel of vastframe handbike indien het sporten zonder deze voorziening niet mogelijk is. 5.. Het college kan op aanvraag een tegemoetkoming aannemelijke meerkosten voor een vastframe handbike of sportrolstoel verstrekken, waarbij rekening wordt gehouden met de aanschafkosten en de kosten voor onderhoud en verzekering.

Rechtspraak bij dit artikel