Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 11

Einde en aanvang lidmaatschap algemeen bestuur

Onderdeel van Gemeenschappelijke Regeling Reinigingsdienst Maasland

1. . De leden van het algemeen bestuur worden benoemd voor een periode gelijk aan de zittingsduur van de colleges. 2. . De benoeming van de leden van het algemeen bestuur vindt plaats in de eerste vergadering of uiterlijk binnen zes weken na de eerste vergadering van de colleges van de deelnemers in de nieuwe samenstelling. 3. . Een college kan een door hem aangewezen lid ontslaan door het vertrouwen op te zeggen. Van dit ontslag stellen zij de voorzitter van het algemeen bestuur schriftelijk op de hoogte. 4. . In de plaatsen van leden die door ontslag, overlijden of om andere redenen openvallen wordt binnen drie maanden voorzien door de betreffende deelnemer. 5. . Het lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt van rechtswege zodra men ophoudt lid te zijn van het college waardoor men krachtens het bepaalde in het eerste lid is benoemd.

Rechtspraak bij dit artikel