Naar hoofdinhoud
8. . De artikelen 3 tot en met 7 vinden geen toepassing indien: de aanslag kan worden opgelegd aan degene die met betrekking tot het voorgaande belastingtijdvak of kalenderjaar de aanslag heeft gekregen en gezorgd heeft dat de aanslag betaald is en nog steeds belastingplichtig is; bij de uitvoerende afdeling bekend is dat één van de belastingplichtigen de desbetreffende aanslag op zijn/haar naam wil hebben, en dit er niet toe leidt dat de belasting niet kan worden betaald dan wel ingevorderd.

Rechtspraak bij dit artikel