**1..** Voor uittreding uit de regeling wordt een opzegtermijn van ten minste één jaar in acht genomen. Gedurende drie jaren na de datum van toetreding tot de regeling is uittreding niet mogelijk.
**2..** Het voornemen tot uittreding wordt bij aangetekende kennisgeving aan de voorzitter van het orgaan medegedeeld.
**3..** Na ontvangst van de in het tweede lid vermelde kennisgeving wordt een in overleg met de uittredende deelnemer aan te wijzen onafhankelijke registeraccountant opdracht verleend een liquidatieplan op te stellen als ware tot opheffing van de regeling besloten.
**4..** Uitgangspunt voor het opstellen van het liquidatieplan zijn de verplichtingen die voortvloeien uit reeds door de deelnemers genomen besluiten over projecten ten laste van het mobiliteitsfonds. Hierdoor reeds verschuldigde, maar nog niet feitelijk gedane stortingen in het fonds dienen door de uittredende deelnemer als nog te worden voldaan. Een overschot aan stortingen ten opzichte van reeds aangegane verplichtingen wordt teruggestort aan de uittredende deelnemer.
**5..** Onder verplichtingen in lid 4 wordt verstaan het aandeel dat de uittredende gemeente heeft, naar rato van inwonertal, in het totaal van de gelden uit het fonds waarvan vastgelegd is dat die aan de uitvoering van de visie besteed zullen worden.
**6..** Het liquidatieplan wordt vastgesteld door het orgaan en de daarin omschreven financiële verplichtingen zijn bindend.
**7..** Nadat het liquidatieplan is vastgesteld zijn zowel de uittredende deelnemer als de andere deelnemers gehouden om binnen zes maanden de daarin omschreven financiële verplichtingen te voldoen.
**8..** De kosten van het opstellen van het liquidatieplan komen voor rekening van de deelnemer, die het voornemen heeft om uit te treden.
HOOFDSTUK VII
Artikel 19
Uittreding
Onderdeel van Gemeenschappelijke Regeling Bereikbaarheid Zuid-Kennemerland