Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 3

Artikel 15.

De hoogte van het persoonsgebonden budget

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Veere 2024

Het pgb voor formele hulp bedraagt ten hoogste 90% van het tarief voor de goedkoopst adequate individuele voorziening van zorg in natura. In afwijking van het eerste lid kan het college een hoger pgb toekennen wanneer het hier genoemde tarief niet toereikend is om de bij de hulpvraag passende jeugdhulp in te kopen. Het pgb dat het college toekent, bedraagt maximaal 100% van de goedkoopst adequate individuele voorziening in natura. De hoogte van het pgb voor dienstverlening kan opgebouwd zijn uit verschillende kostencomponenten zoals salaris, vervanging tijdens vakantie en verzekeringen. De volgende kosten zijn uitgesloten voor vergoeding vanuit een pgb: a. Kosten voor bemiddeling b. Kosten voor tussenpersonen of belangenbehartigers c. Kosten voor het voeren van een pgb-administratie d. Kosten voor ondersteuning bij het aanvragen en beheren van een pgb e. Kosten voor feestdagenuitkering en een eenmalige uitkering f. Reiskosten van de hulpverlener. g. Bijkomende zorgkosten, zoals cursuskosten of entreegeld h. Overlijdensuitkering De hoogte van een pgb voor informele hulp bedraagt voor begeleiding het uurloon van de hoogste periodiek behorende bij de Functie Waardering Gezondheidszorg (FWG30) van de voor de betreffende periode geldende cao VVT, te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren Het college is bevoegd om nadere regels te stellen met betrekking tot de hoogte van de tarieven.

Rechtspraak bij dit artikel