**1..** De raming en berekening van de kosten voor uittreding worden gebaseerd op de feiten en omstandigheden die bekend waren op het moment van de daadwerkelijke definitieve uittreding. Beleidswijzigingen, wijzigingen van economische omstandigheden en wijziging van inzichten die zich voordoen of opkomen na het moment van daadwerkelijke definitieve uittreding kunnen niet worden betrokken bij de bepaling van de hoogte van de definitieve uittreedsom.
**2..** Feiten en omstandigheden die zich hebben voorgedaan na het moment van uittreding kunnen niet leiden tot een wijziging van de hoogte van de uittreedsom, tenzij de uitgetreden deelnemer dan wel het algemeen bestuur kan aantonen dat de hoogte van de uittreedsom anders zou zijn bepaald, indien:
de uitgetreden deelnemer onjuiste inlichtingen heeft verstrekt waarvan de uitgetreden deelnemer wist dat deze onjuist waren en diende aan te nemen dat de hoogte van de uittreedsom anders zou luiden, indien deze onjuiste inlichtingen niet zouden zijn verstrekt;
de uitgetreden deelnemer inlichtingen die hem op het moment van het bepalen van de uittreedsom bekend waren niet heeft verstrekt, terwijl de uitgetreden deelnemer redelijkerwijs had moeten aannemen dat deze inlichtingen van invloed zouden kunnen zijn op de bepaling van de hoogte van de uittreedsom.
Hoofdstuk XIII › Paragraaf 2:
Artikel 54.
Artikel 54.
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Recreatieschap Hitland 2024