Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk VIII:

Artikel 31

– Opheffing

Onderdeel van Gemeenschappelijke Regeling Bedrijfsvoeringsorganisatie West-Betuwe

1.. Een voorstel aan de deelnemers tot opheffing van de regeling kan worden gedaan door het bestuur of door de bestuursorganen van één van de gemeenten. 2.. De deelnemers besluiten bij gewone meerderheid tot opheffing van de regeling. 3.. Het bestuur stelt een liquidatieplan vast en regelt de vereffening van het vermogen. 4.. Het liquidatieplan bevat in ieder geval de volgende onderwerpen: plan van aanpak voor het ontvlechtingsproces; voorgenomen duur van de liquidatie; wijze en frequentie waarop het overleg plaatsvindt; de bestuurlijk-juridische, personele en financieel-operationele uitgangspunten van de liquidatie; de verdeelsleutel die bij de liquidatie wordt gehanteerd; de keuze van de onderzoeksbureaus die gezamenlijk worden ingeschakeld; de kostenverdeling van het liquidatietraject; afspraken over de wijze van continuering van de GR gedurende de liquidatie; de wijze waarop het GO en de OR bij opheffingsproces worden betrokken. 5.. Het bestuur wijst ten behoeve van de volgende taken een vereffenaar of een college van vereffenaars aan: het afhandelen van lopende verplichtingen; het overdragen van de rechten en verplichtingen van de GR aan de deelnemers met als uitgangspunt dat de deelnemers een marktconforme prijs betalen; het tegelde maken van nog eventueel overblijvende activa; het uitkeren van het batig saldo aan de deelnemers; het opstellen van een liquidatieverslag. 6.. Het bestuur is belast met de uitvoering van de liquidatie en blijft ook na het tijdstip van opheffing in functie, totdat de liquidatie is voltooid.

Rechtspraak bij dit artikel