Het college controleert in de gevallen als bedoeld in artikel 2, onderdeel a en e, eenmaal per zes maanden of de briefadresnemer nog voldoet aan de voorwaarden voor inschrijving op een briefadres.
De briefadresnemer en de briefadresgever zijn op grond van artikel 2.45 Wet BRP verplicht alle informatie over het briefadres te verstrekken aan het college en verschijnen hierbij desgevraagd in persoon.
Indien de briefadresnemer geen informatie verstrekt of niet bereikbaar is op het briefadres waarop hij is ingeschreven in de BRP, kan dit leiden tot een adresonderzoek. In een voorkomend geval kan het college de briefadresnemer ambtshalve uitschrijven wegens vertrek uit Nederland op grond van artikel 2.22 Wet BRP.