Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 5

Artikel 5.4

De hoogte van het pgb

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Haarlem 2024

1.. De hoogte van het pgb:’ wordt vastgesteld aan de hand van een door de cliënt opgesteld en door het college goedgekeurd plan inzake de besteding van het pgb; en wordt berekend op basis van een tarief waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om een veilige, doeltreffende en kwalitatief goede maatwerkvoorziening van derden te betrekken. Zo nodig wordt dit aangevuld met een vergoeding voor onderhoud, reparatie en verzekering; en bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate maatwerkvoorziening in natura. 2.. De hoogte van het pgb voor vervoersvoorzieningen, hulpmiddelen en woningaanpassingen is niet hoger dan de totale huur- of koopprijs van de goedkoopst adequate voorziening die aan de aanbieder voor de standaard productcategorieën verschuldigd zou zijn over een periode van 6 jaar of, in het geval van een traplift, een periode van 10 jaar. In de kosten is ook rekening gehouden met kosten voor onderhoud, reparatie en verzekering. 3.. Indien de geïndiceerde maatwerkvoorziening een (roerende) voorziening buiten de standaard productcategorieën van de aanbieder is, bestaat het pgb uit twee componenten: een bedrag, bestemd voor de aanschafkosten van de goedkoopst adequate voorziening; en een bedrag, bestemd voor de kosten van onderhoud, reparatie en verzekering van de voorziening, dat maximaal 25% van de kosten van aanschaf van de goedkoopst adequate voorziening kan bedragen. 4.. Het college stelt aan de hand van de criteria ‘noodzakelijk’ en ‘goedkoopst adequaat’ de omvang van voornoemde bedragen vast aan de hand van de uitkomst van twee offertes, uitgebracht door een leverancier naar keuze. Van deze offertes wordt er één opgevraagd door de gemeente en één door de cliënt. Bij twijfel over het goedkoopst adequate karakter van de offerte van de (gemeentelijke) leverancier, kan het college nog een offerte opvragen bij een andere leverancier. 5.. Het is mogelijk om in plaats van het collectief vervoer in aanmerking te komen voor een pgb voor lokaal vervoer. De hoogte van dit pgb stelt de cliënt in staat om 2.000 kilometer op jaarbasis te reizen op basis van een kilometervergoeding ter hoogte van de door de Belastingdienst bepaalde onbelaste kilometervergoeding voor woon-werkverkeer. Gehuwden krijgen naar rato een lager tarief (150 % van het tarief voor één persoon), omdat er sprake is van een samenvallende vervoersbehoefte. 6.. De hoogte van het pgb voor huishoudelijke ondersteuning die beroepsmatig wordt geboden wordt gebaseerd op maximaal 85% van het toepasselijke naturatarief. 7.. De hoogte van het pgb voor aanvullende ondersteuning die beroepsmatig wordt geboden wordt gebaseerd op maximaal 100% van de hoogte van de reële tarieven zoals die in de omliggende gemeenten worden gehanteerd voor vergelijkbare ondersteuning in natura. 8.. De hoogte van het pgb voor beschermd wonen die beroepsmatig wordt geboden wordt gebaseerd op maximaal 95% van het toepasselijke naturatarief. 9.. De hoogte van het pgb voor ondersteuning die wordt geboden door een persoon uit het sociaal netwerk, zoals bepaald in artikel 5.5, tweede lid, wordt jaarlijks door het college vastgesteld. 10.. De tarieven genoemd onder lid 6 t/m 8 zijn all-in tarieven. Dat wil zeggen dat alle kosten zoals salaris, vervanging tijdens ziekte en vakantie, verzekering(en) en reiskosten zijn opgenomen in de tarieven. 11.. De specifieke bedragen van de tarieven voor het pgb worden door het college op basis van dit artikel vastgesteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel