Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.4

Het onderzoek

Onderdeel van Verordening Maatschappelijke ondersteuning en Jeugdhulp Doetinchem 2024

1.. Om te bepalen of en welke ondersteuning noodzakelijk is, doet de medewerker van Buurtplein onderzoek. Hierbij volgt de medewerker bij iedere melding het stappenplan van de rechtspraak van de Centrale Raad van Beroep (CRvB)1Zie o.a. ECLI:NL:CRVB:2017:1477 en ECLI:NL:CRVB:2018:819 Dit stappenplan bestaat uit vijf stappen. Het stappenplan binnen de Wmo en de Jeugdwet: Stap 1: De medewerker stelt vast wat de hulpvraag van de inwoner is. Stap 2: De medewerker stelt vast welke problemen, beperkingen en stoornissen er precies zijn. Stap 3: De medewerker bepaalt welke hulp nodig is en hoeveel. Stap 4: De medewerker onderzoekt wat de inwoner zelf kan doen om het probleem op te lossen (eigen kracht), al dan niet met gebruikelijke hulp, met hulp van anderen uit het sociale netwerk of van andere organisaties, of met andere algemene (voorliggende) voorzieningen. Stap 5: De medewerker bepaalt welke aanvullende hulp nodig is om het probleem op te lossen en het gewenste resultaat te bereiken. 2.. De medewerker van Buurtplein informeert de inwoner over de mogelijkheden om de persoonlijke situatie van de inwoner te verbeteren. De medewerker betrekt deze zaken bij het onderzoek naar de hulpvraag. 3.. Voor sommige vormen van hulp zijn er in de wet of in deze verordening extra voorwaarden gesteld. Deze staan vermeld in hoofdstuk 3, 4 en 5 van deze verordening. 4.. De medewerker van Buurtplein kan een andere professional of een door haar daartoe aangewezen externe onafhankelijke adviesinstantie om advies vragen als zij dit van belang acht voor het onderzoek. 5.. Het college kan nadere regels stellen ten aanzien van het te volgen stappenplan.

Rechtspraak bij dit artikel