Naar hoofdinhoud

Artikel 6

- Na inbeslagname van de hond

Onderdeel van Beleidsregel gevaarlijke en hinderlijke honden gemeente Zuidplas

1.. Bij de in artikel 5, tweede, derde en vierde lid bedoelde inbeslagname van de hond geeft de burgemeester de opdracht de hond te laten onderwerpen aan een gedragstest. Een gedragstest is bijvoorbeeld een MAG-test (Maatschappelijk Aanvaardbaar Gedrag), agressietest (zoals ontwikkeld door de universiteit Utrecht) of een TOP-test (Toetsing Op Persoonlijkheid). De gedragstest dient te worden afgenomen door een professionele gedragsbeoordelaar (zoals een door de Raad van Beheer op kynologisch gebied Nederland benoemde gedragskeurmeester). Een gedragsbeoordelaar heeft de opleiding tot gedragskeurmeester of gedragsbeoordelaar met succes afgerond en beschikt over (voldoende recente) praktijkervaring. 2.. Als uit de gedragstest blijkt dat de hond, eventueel onder te stellen (resocialisatie)voorwaarden, kan worden teruggeplaatst bij de houder of eigenaar, plaatst de burgemeester de hond terug mits uit onderzoek blijkt dat de eigenaar/ houder in staat is zich te houden aan de gestelde (resocialisatie)voorwaarden. 3.. Als uit de gedragstest blijkt dat de hond niet kan worden teruggeplaatst bij de houder/eigenaar of als deze zich niet aan de gestelde (resocialisatie)voorwaarden houdt, onderzoekt de burgemeester of de hond, al dan niet na resocialisatie, kan worden herplaatst bij een andere eigenaar. 4.. Als herplaatsing als bedoeld in het derde lid binnen een jaar volgens de gedragstest niet mogelijk is of in de praktijk niet mogelijk is gebleken, laat de burgemeester de hond euthanaseren. Euthanaseren wordt uitsluitend gedaan door een daartoe bevoegde dierenarts. 5.. De kosten van vervoer, opvang/verblijf, (medische) verzorging, een gedragstest, resocialisatie en eventuele overige noodzakelijke kosten na inbeslagname en eventuele kosten voor het uitvoeren van euthanasie komen volledig voor rekening van de eigenaar of houder van de hond en worden op hem of haar verhaald.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel