**1..** De compensatie voor het uitvoeren van de openbare dienstverplichting wordt verleend in de vorm van een financiële bijdrage die is bedoeld ter dekking van het financieel tekort in de realisatie van de in artikel 1 lid 1 van dit besluit genoemde activiteit. De maximale hoogte van de financiële bijdrage volgt uit het subsidiebesluit dat aan de Ontwikkelaar zal worden verleend.
**2..** De compensatie zal slechts worden verleend, indien er sprake is van vorenbedoeld financieel tekort. De compensatie betreft een noodzakelijke aanvulling ingeval de daadwerkelijk gemaakte (investerings)kosten die voor de realisatie van de DAEB worden gemaakt en – volgens aanvaarde beginselen van kostprijsadministratie – direct aan de DAEB zijn toe te rekenen, de aan de DAEB gerelateerde opbrengsten overstijgen. Hierbij geldt dat eventuele aanvullende steun van andere overheidsinstellingen ook als opbrengst moet worden gezien.
**3..** Om overcompensatie te voorkomen wordt de Ontwikkelaar verplicht in het subsidiebesluit:
een feitelijk gescheiden boekhouding te hanteren met ingang van de inwerkingtreding van het subsidieverleningsbesluit (inkomsten en uitgaven gescheiden administreren: “DAEB-activiteit” enerzijds en “overige activiteiten” anderzijds, of in zijn administratie een duidelijke herkenbare codering van DAEB en niet-DAEB kosten aan te brengen, waardoor administratief een scheiding bestaat tussen activiteiten op basis van dit aanwijzingsbesluit en andere activiteiten van de Ontwikkelaar);
als er voor de uitvoering van de DAEB, in aanvulling op de te verlenen c.q. reeds verleende specifieke uitkering, ook door andere overheden steun is verleend, eigener beweging een volledige opgave te doen van deze steun (ook als deze is verleend met toepassing van een staatssteunkader);
gedurende de duur van de DAEB en tot tien (10) jaar na oplevering van de Nieuwbouw de bewijsmiddelen te bewaren van de kosten die verband houden met de DAEB-activiteiten (zoals facturen e.d.). Kosten waarvoor achteraf geen bewijsmiddelen zijn te vinden in de administratie van de Ontwikkelaar komen niet in aanmerking voor de compensatie; en
rekening en verantwoording af te leggen in een financiële verantwoording (overeenkomstig het DAEB-Vrijstellingsbesluit), inclusief accountantsverklaring in het jaar na oplevering van de Nieuwbouw;
met dien verstande op grond van bovengenoemde parameters alleen kosten mogen worden vergoed die doelmatig en redelijkerwijs nodig zijn voor de uitvoering van de Gesubsidieerde activiteit.
**4..** De gemeente controleert minimaal om de drie jaar gedurende de periode van de openbare dienstverplichting op aanwijzingen voor overcompensatie of laat dit controleren. De gemeente controleert in ieder geval aan het einde van de openbare dienstverplichting op aanwijzingen van overcompensatie of laat dit controleren. In het geval de openbare dienstverplichting minder lang duurt dan drie jaar beperkt de gemeente zich tot deze eindcontrole.
Artikel 4