Naar hoofdinhoud

Deel 2: › Paragraaf 2.6

Artikel 2.6.5

Poort

Onderdeel van Beeldkwaliteitsplan De Horsten

In het noordelijk plandeel eindigt de laan, het verlengde van de Aakamp, op een bouwblok met rijwoningen. Achter deze rijwoningen ligt de meest noordelijk gelegen parkeerkoffer. Om deze beëindiging te accentueren en daarmee de gebruiker duidelijk te maken dat de laan hier ophoudt, is het noodzakelijk dat in de as van de weg een accent in de rijwoningen aangebracht wordt. Dit kan door: Een poortgebouw te ontwerpen. Dat betekent dat er sprake dient te zijn van een minimale doorrijhoogte van 4,5 meter. De erboven te realiseren woonruimte kan dan als zolderverdieping worden verdeeld over de beide aangrenzende woningen. Een alternatief zou kunnen zijn dat hier alleen sprake is van een gebouwde poort zonder woonfunctie; Een poort te ontwerpen. Dat betekent dat er tussen de beide hoekwoningen een poort met een doorrijhoogte van 4,5 meter moet worden aangebracht. Een dergelijke constructie moet wel krachtig genoeg zijn om een attractieve waarde te hebben als einde van de laan. Indien er sprake is van een kunstwerk als ‘poort’ dienen de twee aangrenzende delen met rijwoningen links en rechts van de poort gezien te worden als 1 bouwblok .

Rechtspraak bij dit artikel