Onder de Omgevingswet zijn de behandeltermijnen van een aanvraag gewijzigd ten opzichte van de Wabo. Omdat een aanzienlijk deel van de aanvragen onder de Wabo een binnen- of buitenplanse uitzonderingsprocedure betroffen, zijn maatregelen genomen om de aanvragen de juiste toetsing te kunnen geven binnen de wettelijke termijnen. Het behandelen van een aanvraag waarvoor een ruimtelijke afweging gemaakt moet worden, gaat niet binnen 8 plus eventueel 6 weken zonder de behandeling ervan ten koste te laten gaan van de inhoudelijke kwaliteit en/of de dienstverlening richting initiatiefnemer of de omgeving waarin het initiatief zich bevindt. Om de inhoudelijke kwaliteit te waarborgen en de dienstverlening in ieder geval te handhaven en waar mogelijk te vergroten is daarom gekozen voor de inzet van het instrument van omgevingsoverleg. Van iedere aanvraag omgevingsvergunning wordt op de screeningstafel beoordeeld volgens welk proces deze behandeld moet worden.
De screeningstafel wordt bemand door het screeningsteam. Dagelijks worden initiatieven (stadsbreed) toegewezen aan het passende proces. Het resultaat is duidelijkheid over welk omgevingsoverleg de aanvraag doorloopt: eenvoudig, midden of complex.
De beoordeling van het initiatief gebeurt met kwalitatieve criteria. Het gebruik van kwantitatieve criteria (bijvoorbeeld >10 woningen) is niet goed toepasbaar. De kwalitatieve criteria zijn één of meer van de volgende criteria:
Strijdigheid met beleid en/of omgevingsplan (functiewijziging, toevoegen nieuwe woningen, toevoegen horeca).
Bestuurlijke en/of maatschappelijke gevoeligheid (tegenstrijdig beleid, participatie, reacties uit de omgeving)
Gebiedskenmerken (draagvlak in de buurt, woonvisie, omgevingsvisie, directe omgevingsfactoren);
De mate waarin aanvullende gemeentelijke ambities gerealiseerd kunnen worden
Alhoewel er dus richtlijnen bestaan voor wat voor type initiatief op welke omgevingstafel behandeld wordt, kan de screeningstafel oordelen dat de individuele kenmerken van een aanvraag behandeling op een complexere of minder complexe tafel vereisen. Indien ruggespraak nodig is, is een interne escalatieroute ingeregeld.
Het omgevingsoverleg eenvoudig en midden heeft als doel om de initiatiefnemer met behulp van integraal ingerichte gesprekken duidelijkheid te geven over de ruimtelijke en technische randvoorwaarden van een initiatief. Na afronding van het omgevingsoverleg is het plan in veel gevallen getoetst aan alle elementen die ook tijdens een aanvraag omgevingsvergunning getoetst worden. Als een aanvraag opvolgend aan de afronding van het omgevingsoverleg wordt ingediend, kan deze na de definitieve beoordeling van de ingediende documentatie, direct verleend worden. Daarmee blijven we binnen de termijnen van de Omgevingswet.
Het omgevingsoverleg eenvoudig of midden bestaat uit een aantal onderdelen, namelijk:
Soort Omgevingstafel
Onderwerp
Omgevingstafel 1
Aanvrager 10 min pitch initiatief
Daarna gesprek over wenselijkheid (vanuit de gemeente)
Conclusie: wenselijk?
Omgevingstafel 2
Fijnslijpen initiatief waardoor het initiatief (vanuit de initiatiefnemer) haalbaar wordt (indachtig “ja, mits”).
Omgevingstafel 3 en 4
Schriftelijke reactie van Hoofd Vergunningen of een initiatief haalbaar is;
6 maanden geldig (tenzij een wijziging van het Bbl (Besluit bouwwerken leefomgeving) plaats vindt). (De wijzigingen die door de afdeling worden voorzien in de wet- en regelgeving worden meegenomen in het omgevingsoverleg)
Ambtelijk gehouden om overeenkomstig te adviseren
(De procesplaat van het omgevingsoverleg is te vinden als bijlage 5 bij dit document)
Bovenstaande verdeling van de onderwerpen is een richting die wordt meegegeven aan de deelnemers. In de praktijk blijkt vaak dat de onderwerpen schuiven en dat het dus ook goed kan zijn dat omgevingstafels 1 en 2 gaan over de wenselijkheid en dat binnen 3 en 4 de haalbaarheid vervlochten met de technische uitwerking wordt behandeld.
Voorafgaand aan de behandeling van het omgevingsoverleg, wordt bepaald welke procedure voor een initiatief doorlopen moet worden. Daarbij gelden de volgende kaders:
Locatie;
Bestuurlijke of politieke betrokkenheid;
Aanwezigheid eenduidig beleid;
Maatschappelijke gevoeligheid;
Beleidsambities die in het initiatief meegenomen moeten worden;
Of uitgebreide onderhandeling nodig is in contractvorming.
Voorbeelden van categorisering:
Soort omgevingsoverleg
Onderwerp Vergunning
Omgevingsoverleg eenvoudig
Dakopbouw
Aanbouw
Gevelwijziging
Uitbreiding terras
Gebruikswijziging
Omgevingsoverleg midden
‘Complexere’ reguliere aanvragen en UPP 0 projecten.
Bed & Breakfast
Lichte ontheffing Omgevingsplan
Woningsplitsing
Herbestemming (maatschappelijk gevoelige functie)
Kleine nieuwbouwontwikkelingen
Transformatie kantoor – wonen (bijvoorbeeld)
Omgevingsoverleg complex
UPP 1 en 2 (en 3 en 4)
Woonwijk met gemengde functies
Windmolens
Gebiedsontwikkeling
Grote woonwijk
Groot bedrijventerrein
Grootschalige nieuwbouw
Het omgevingsoverleg complex is een combinatie van het Utrechtse Planproces (UPP) en delen 3 en 4 van het omgevingsoverleg midden. In een door de projectleider samengesteld integraal projectteam, waar de casemanager deel van uit maakt, vindt zowel afstemming plaats over de privaatrechtelijke kanten van een initiatief als over de publiekrechtelijke toetsingen. Door de technische toetsing en de voorbereiding op de behandeling van de aanvraag omgevingsvergunning toe te voegen aan het projectteam, voorkomen we dat er;
Een stapeling van voorwaarden en daarmee samenhangende onderzoeken en aanpassingen uitgevoerd moeten worden;
Tijdens het proces voor het verlenen van de omgevingsvergunningen nieuwe zaken naar boven komen waar eerder in het proces gemakkelijker een aanpassing voor doorgevoerd had kunnen worden. Dit voorkomt tegenvallers in doorlooptijd en financiering.
Zodra de aanvraag omgevingsvergunning wordt ingediend, gaat de verantwoordelijkheid over het vergunningverleningsproces naar de casemanager. De projectleider blijft verantwoordelijk over het totale proces tot en met de overdracht in de beheerfase.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 4
Artikel 1
Inhoud en opzet omgevingsoverleggen
Onderdeel van Beleidsregel vergunningenstrategie Omgevingswet gemeente Utrecht