Naar hoofdinhoud

Artikel 12.

Weigerings-, intrekkings- en terugvorderingsgronden

Onderdeel van Algemene Subsidieverordening gemeente Delft 2024

1.. Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35 van de wet weigert het college de subsidie in ieder geval: als de Europese Commissie overeenkomstig artikel 108, derde lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie onverenigbaar is met de interne markt, of als het betreft een aanvrager tegen wie een bevel tot terugvordering uitstaat ingevolge een eerdere beschikking van de Europese Commissie waarin de steun van Nederland onrechtmatig en onverenigbaar met de interne markt is verklaard. 2.. Onverminderd het vorige lid weigert het college de subsidie in ieder geval als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een Europees steunkader omdat: subsidie verstrekt zou worden aan een aanvrager die een onderneming drijft die in moeilijkheden verkeert als bedoeld in het desbetreffende steunkader, of de subsidie geen stimulerend effect heeft als bedoeld in het desbetreffende steunkader. 3.. Onverminderd de vorige leden kan het college de subsidie verder in ieder geval geheel of gedeeltelijk weigeren: als de activiteiten niet of niet in overwegende mate zijn gericht op de gemeente of haar ingezetenen of als ze onvoldoende ten goede komen aan de gemeente of haar ingezetenen; als niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor het verrichten van de activiteiten waarvoor deze wordt gevraagd; als de subsidieverstrekking niet past binnen de door het college vastgestelde beleidsdoelstellingen van de gemeente Delft; als de te subsidiëren activiteiten een commercieel doel hebben; als de subsidie niet of in onvoldoende mate zal worden besteed aan de activiteiten of het doel waarvoor de subsidie wordt verstrekt; als de solvabiliteitsratio van de aanvrager lager is dan 25% of de liquiditeit negatief is. Onder solvabiliteit wordt verstaan de verhouding van het eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen uitgedrukt in procenten, als blijkend uit de jaarrekening zoals overgelegd bij de aanvraag. Onder liquiditeit wordt verstaan de mate waarin een onderneming de kortlopende schulden die opeisbaar zijn binnen een jaar kan betalen, als blijkend uit de jaarrekening zoals overlegd bij de aanvraag; voor zover activiteiten of kosten al op een andere wijze worden gesubsidieerd of bekostigd; als de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd zijn gestart voordat de subsidie is verleend; als de activiteiten, doelstellingen, statuten of reglementen van de aanvrager of het beoogde gebruik van de subsidie discriminatie oplevert wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht, burgerlijke staat, seksuele gerichtheid, leeftijd of op welke grond dan ook. Onder discriminatie wordt in dit verband niet begrepen onderscheid ter opheffing van maatschappelijke achterstand; als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een wettelijk voorschrift of als de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal ontplooien die in strijd zijn met een wettelijk voorschrift, het algemeen belang of de openbare orde; als de subsidieverstrekking niet is toegestaan totdat de Europese Commissie met toepassing van artikel 108, derde lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie verenigbaar is met de interne markt; als niet is voldaan aan hetgeen gesteld in de betrokken subsidieregeling; in de bij de betrokken subsidieregeling bepaalde gevallen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel