Naar hoofdinhoud

Artikel 13.

Artikel 13.

Onderdeel van Treasurystatuut

Voor het saldobeheer en het liquiditeitenbeheer gelden de volgende specifieke richtlijnen: De gemeente streeft naar concentratie van de liquiditeiten binnen één rentecompensatiecircuit bij de bank met de gunstigste condities; Indien er een liquiditeitsbehoefte ontstaat kan de gemeente kortlopende middelen aantrekken. Hierbij wordt – conform artikel 4 lid 1 - de kasgeldlimiet niet overschreden; Toegestane instrumenten bij het aantrekken van kortlopende middelen zijn daggeld, kasgeldleningen en kredietlimiet op rekening courant; Toegestane instrumenten bij het uitzetten van gelden voor een periode korter dan één jaar zijn rekening-courant, daggeld, spaarrekeningen, deposito’s, commercial papers en certificates of deposit; Bij het extern uitzetten van gelden korter dan één jaar zijn slechts de in artikel 6 genoemde tegenpartijen toegestaan; De gemeente vraagt minimaal drie offertes, waarvan één offerte bij een duurzaam bankierende bank, alvorens middelen worden aangetrokken of uitgezet met een looptijd tussen één maand en één jaar.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel