Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › HOOFDSTUK 4

Artikel 10

Artikel 10

Onderdeel van Gemeenschappelijke Regeling GGD Brabant-Zuidoost

1.. Aan het Algemeen Bestuur behoren met betrekking tot de verwezenlijking van de doelstelling van het openbaar lichaam alle bevoegdheden, die bij deze regeling niet aan het Dagelijks Bestuur of de voorzitter zijn opgedragen. 2.. Het Algemeen Bestuur kan de uitoefening van door hem te bepalen bevoegdheden volgens door hem te stellen regels overdragen aan het Dagelijks Bestuur of aan een commissie als bedoeld in artikel 25 van de wet, met uitzondering van: a.. Het vaststellen van de meerjarige beleidsvisie; b.. het vaststellen en wijzigen van de begroting; c.. het vaststellen van de jaarrekening; d.. het stellen van regels over het aangaan van geldleningen, het uitlenen van geld, of de directe regeling van hetgeen verder de geldmiddelen van het openbaar lichaam aangaat; e.. het nemen van besluiten over het instellen van commissies, als bedoeld in de artikelen 24 en 25 van de wet; f.. het oprichten en deelnemen in een rechtspersoon als bedoeld in artikel 31a van de wet; g.. het benoemen van de voorzitter, de plaatsvervangend voorzitter en de secretaris; h.. het benoemen van de directeur publieke gezondheid en de directeur; i.. het regelen van de gevolgen van toetreding of uittreding van een college tot respectievelijk uit de regeling alsmede het verbinden van nadere voorwaarden daaraan; j.. het doen van een voorstel aan de colleges tot wijziging van de regeling; k.. het vaststellen van een liquidatieplan bij opheffing van het openbaar lichaam. Geheimhouding

Rechtspraak bij dit artikel