Het algemeen bestuur treedt ten aanzien van WAVA in de bevoegdheden van de colleges.
Bij of krachtens de door het algemeen bestuur vast te stellen organisatieverordening worden regels gesteld omtrent de ambtelijke organisatie, werkwijze en mandatering.
Aan het algemeen bestuur behoren met betrekking tot de verwezenlijking van de doelstelling van WAVA alle bevoegdheden, die bij deze Regeling niet aan het dagelijks bestuur of de voorzitter zijn opgedragen.
Het algemeen bestuur oefent namens WAVA alle rechten van de algemene vergadering van aandeelhouders van de B.V. uit, waaronder het toezicht houden op de door de directeur van de B.V. gevoerde bedrijfsvoering, hetgeen ook geldt voor mogelijk toekomstig op te richten rechtspersonen, tenzij het vennootschappen betreft waarvoor de B.V. als houdstermaatschappij optreedt.
Alle bij statuten van de B.V. en mogelijk in de toekomst op te richten rechtspersonen, aan WAVA toegekende bevoegdheden worden namens WAVA uitgeoefend door het algemeen bestuur.
Door het algemeen bestuur wordt een reglement van orde opgesteld, waarin de wijze van stemming wordt geregeld.
Het algemeen bestuur kan zijn bevoegdheden, voor zover de aard ervan zich hier niet tegen verzet, bij organisatieverordening of mandaatregeling opdragen aan de directeur van WAVA.
Het algemeen bestuur stelt jaarlijks een opdracht met betrekking tot het te voeren beleid vast in een herziene begroting die tevens toeziet op de aan WAVA gelieerde organisaties.
HOOFDSTUK 5
Artikel 11
De bevoegdheden van het algemeen bestuur
Onderdeel van GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING WERKBEDRIJF ARBEID VOOR ALLEN (WAVA) juli 2024