Het dagelijks bestuur vergadert tenminste zesmaal per jaar en voorts zo dikwijls als de voorzitter of één van de leden dit nodig oordeelt in welk geval de vergadering binnen veertien dagen plaatsvindt.
De artikelen 28, eerste tot en met derde lid, 29, 30 en 56 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing.
Elk lid van het dagelijks bestuur heeft in de vergadering van het dagelijks bestuur één stem. De stemming in het dagelijks bestuur geschiedt mondeling, tenzij de voorzitter of één van de leden verzoekt om schriftelijke stemming.
Het dagelijks bestuur kan een reglement van orde voor zijn vergaderingen vaststellen dat aan het algemeen bestuur wordt overgelegd.
HOOFDSTUK 6
Artikel 21
De werkwijze van het dagelijks bestuur
Onderdeel van GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING WERKBEDRIJF ARBEID VOOR ALLEN (WAVA) juli 2024