Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1

Artikel 2

Inrichting van de markt

Onderdeel van Marktreglement gemeente Berg en Dal 2024

1.. De markt in Groesbeek vindt plaats op het parkeerterrein aan de Spoorlaan (ook wel Marktplein genoemd). 2.. De markt in Millingen aan de Rijn vindt plaats op het plein tussen de Heerbaan en Sint Willibrordstraat/Zeelandsestraat (ook wel Kastanjeplein genoemd). 3.. Als de markt door onvoorziene omstandigheden, werkzaamheden of evenementen (carnaval en kermis) niet kan plaatsvinden op het genoemde marktterrein, behoudt de gemeente het recht in afstemming met de marktondernemers een alternatieve locatie toe te wijzen. 4.. Een standplaats bestaat uit één of meerdere eigen marktkra(a)m(en) of een markavan/ verkoopwagen. 5.. Een standplaats heeft een afmeting van minimaal 4 strekkende meter frontbreedte met waar mogelijk een maximum van 20 strekkende meter frontbreedte. De maatvoering van dit eigen materiaal moet wel passen binnen de beschikbare ruimte. Komt er tegelijkertijd meer ruimte vrij dan kan er de voorkeur aan gegeven worden om meerdere kleinere standplaatsen te plaatsen ten opzichte van een grote. Dit in het belang van een gevarieerd aanbod op de markt. 6.. De beschikbare vrije ruimte voor nieuwe of vrijgekomen standplaatsen binnen het in lid 1 en 2 genoemde marktterrein wordt bepaald door de marktmeester. Zulks met inachtneming van de al ingenomen standplaatsen en lid 4 van dit artikel. 7.. Op de markt van Groesbeek mogen maximaal het volgende aantal standplaatsen per branche worden ingenomen: aardappelen, groente en fruit; maximaal 2 brood, koek en banket maximaal 1 noten, zuidvruchten en reformartikelen maximaal 1 poelierswaren (gevogelte en wild) en eieren maximaal 1 textiel maximaal 4 tuin- en plantartikelen en bloemen maximaal 1 vis maximaal 1 vlees en vleeswaren maximaal 1 zuivelproducten maximaal 2 8.. Op de markt van Millingen aan de Rijn mogen maximaal het volgende aantal standplaatsen per branche worden ingenomen: brood, koek en banket maximaal 1 aardappelen, groente en fruit maximaal 1 poelierswaren (gevogelte en wild) en eieren maximaal 1 tuin- en plantartikelen en bloemen maximaal 1 vis maximaal 1 zuivelproducten maximaal 1 9.. Voor overige branches geldt een maximum van 1 standplaats en dat zij voldoende onderscheidend van elkaar en per branche moeten zijn dan wel per onderscheiding. 10.. Of er sprake is van voldoende onderscheiding, als bedoeld in lid 8, wordt bepaald door het college. 11.. Het college kan bij de verlening van een standplaatsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4 van dit artikel.

Rechtspraak bij dit artikel