Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 11

Vergoeding

Onderdeel van Verordening op de rekenkamer Enkhuizen 2024

1.. De leden van de rekenkamer ontvangen voor hun werkzaamheden een vaste maandelijkse vergoeding. 2.. Een lid, niet zijnde de voorzitter, ontvangt met ingang van de dag van zijn beëdiging gedurende zijn lidmaatschap van de rekenkamer een vergoeding voor de werkzaamheden per maand die gebaseerd is op 10% van de vergoeding die raadsleden van de gemeente ontvangen conform artikel 3.1.1. van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. 3.. De voorzitter ontvangt met ingang van de dag van zijn beëdiging gedurende zijn lidmaatschap van de rekenkamer een vergoeding voor de werkzaamheden per maand die gebaseerd is op 13.333% van de vergoeding die raadsleden van de gemeente ontvangen conform artikel 3.1.1. van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. 4.. Voor iedere volledige kalendermaand dat de plaatsvervangend voorzitter optreedt als voorzitter bestaat recht op de in het derde lid bedoelde vergoeding. Tegelijkertijd ontvangt de vervangen voorzitter voor die volledige kalendermaand alleen de vergoeding voor een lid. 5.. De door de leden gemaakte reiskosten worden vergoed volgens de bij de ambtelijke organisatie gebruikelijke regeling. 6.. Onverminderd het bepaalde in lid 1, 2, 3, 4 en 5 bedraagt de bruto vergoeding 75 euro per uur voor onderzoekswerkzaamheden door de leden, als de rekenkamer besluit een onderzoek in eigen beheer uit te voeren. Als er dilemma’s zijn, stemt de griffier dit af met een vertegenwoordiging van de gemeenteraad. 7.. Voor de indexatie van de bruto uurvergoeding, zoals bedoeld in het vorige lid, wordt aangesloten bij de indexatie van de vergoeding die raadsleden van de gemeente ontvangen conform artikel 3.1.1. van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel