De colleges benoemen ieder, vanuit hun midden, één lid van het Algemeen Bestuur en wijzen vervolgens voor het aangewezen lid een plaatsvervanger aan, welke plaatsvervanger evenals het aangewezen lid een lid is van het college.
Hoofdstuk
Artikel 6
Samenstelling Algemeen Bestuur
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling gesubsidieerde arbeid kop van Noord-Holland