Bij de begroting en de jaarstukken neemt het college in de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen naast de verplichte onderdelen op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op:
de voortgang van het geplande onderhoud;
de omvang van het (eventuele) achterstallig onderhoud aan openbaar groen, water, wegen, kunstwerken, riolering en gebouwen;
Het college biedt de raad tenminste eens in de vier jaar afzonderlijke onderhoudsplannen voor het openbaar groen, verlichting, wegen en kunstwerken aan. Elk plan geeft het kader weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud en de kosten van het onderhoud. De raad stelt de plannen vast.
Het college biedt de raad tenminste eens in de vijf jaar een rioleringsplan aan. Het plan geeft het kader weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud, de uitbreiding van de riolering en de kosten van het onderhoud en de eventuele uitbreidingen. De raad stelt het plan vast.
Hoofdstuk
Artikel 19