Naar hoofdinhoud

Artikel 17

Verzet tegen tenuitvoerlegging dwangbevel

Onderdeel van Leidraad Invordering gemeentelijke belastingen gemeente Meppel

Artikel 17 van de wet geeft een zelfstandige regeling voor de belastingschuldige voor het instellen van verzet tegen de tenuitvoerlegging van een dwangbevel. Artikel 22 van deze leidraad beschrijft de beleidsregels ten aanzien van rechten en rechtsmiddelen van derden. Verzet is mogelijk zodra de betekening van het dwangbevel heeft plaatsgevonden. Ook kan verzet worden gedaan tegen een vordering als bedoeld in artikel 19 van de wet. Er kan geen verzet worden ingesteld tegen de in rekening gebrachte kosten van de aanmaning en de betekeningskosten van het dwangbevel. Hiervoor kan wel - op grond van artikel 7, eerste lid Kostenwet invordering rijksbelastingen - een bezwaarschrift of beroepschrift worden ingediend bij de invorderingsambtenaar. In aansluiting op artikel 17 van de wet beschrijft dit artikel het beleid over: het aanhouden van de tenuitvoerlegging van een dwangbevel bij verzet; verzet tegen de tenuitvoerlegging van een dwangbevel bij onjuiste adressering. 17.1 Aanhouden tenuitvoerlegging bij verzet Als de belastingschuldige zich in rechte verzet tegen de tenuitvoerlegging van het dwangbevel, houdt de invorderingsambtenaar de (verdere) tenuitvoerlegging van het dwangbevel aan, tenzij: de gronden van het verzet naar het oordeel van de invorderingsambtenaar kansloos zijn, en de belangen van de Staat zich verzetten tegen schorsing van de tenuitvoerlegging. 17.2 Verzet tegen tenuitvoerlegging van dwangbevel bij onjuiste adressering Als het aanslagbiljet, de aanmaning of het afschrift van het per post betekende dwangbevel aan een onjuist adres is verzonden en daarom de belastingschuldige niet heeft bereikt, is verzet mogelijk.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel