Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Volgorde bij toewijzing van een woonwagen met standplaats

Onderdeel van Nadere regels toewijzing woonwagens en standplaatsen gemeente Zevenaar

Toewijzing vindt plaats aan de hand van de volgende voorrangsregels en volgorde: Eerste- of tweede bloeds- en aanverwanten van de huidige bewoners op de betreffende locatie die sinds hun geboorte als kind altijd op deze locatie hebben gewoond. Eerste-, tweede-, en derdegraads bloed- en aanverwanten van de huidige bewoners op de betreffende locatie, die ten tijde van het beschikbaar komen van de standplaats en/of woonwagen al tenminste twee jaar op de betreffende woonwagenlocatie als inwonende verblijven en daar tenminste twee jaar ingeschreven staan in de gemeentelijke basisregistratie. Eerste-, tweede-, en derdegraads bloed- en aanverwanten van de huidige bewoners op de betreffende locatie, die ten tijde van het beschikbaar komen van de standplaats en/of woonwagen niet meer op de betreffende woonwagenlocatie verblijven, echter daar in het verleden wel gewoond hebben. Eerste-, tweede-, en derdegraads bloed- en aanverwanten van de huidige bewoners op de betreffende woonwagenlocatie, die op dit moment op een andere woonwagenlocatie in de gemeente woonachtig zijn. Overige eerste-, tweede-, en derdegraads bloed- en aanverwanten van de bewoners op de betreffende woonwagenlocatie; Woonwagenbewoners of spijtoptanten zonder bloed- of aanverwantschap tot en met de derde graad die een standplaats of sociale huurwoning in de gemeente Zevenaar achterlaten. Overige woonwagenbewoners of spijtoptanten die aan kunnen tonen een sociale- of economische binding te hebben met de gemeente Zevenaar. Alle overige woonwagenbewoners of spijtoptanten. Voor al bovenstaande bepalingen geldt als blijkt dat er sprake is van gelijke geschiktheid, de standplaatszoekende met de langste woonduur in Zevenaar voorrang zal krijgen. Als er dan nog sprake is van gelijke geschiktheid zal er (notariële) loting plaatsvinden. Bij het ontwikkelen van nieuwe woonwagenlocaties kan de eerste toewijzing niet plaatsvinden op basis van de bepalingen onder lid b t/m e. In dit geval zal de volgorde bepaald worden aan de hand van de toewijzingscriteria genoemd onder a en f t/m h. Bij a betekent dit dat eerste- of tweede bloeds- en aanverwanten die die sinds hun geboorte altijd op een woonwagenlocatie in Zevenaar hebben gewoond, als eerste voorrang krijgen. Als er meerdere standplaatsen met woonwagens op één locatie tegelijkertijd beschikbaar zijn, zal de zoekende die als eerste in aanmerking komt als eerste de gelegenheid krijgen om te kiezen. Bij gelijke geschiktheid zal de woonduur in Zevenaar doorslaggevend zijn. Als er dan nog sprake is van gelijke geschiktheid zal er (notariële) loting plaatsvinden. Voordat definitief tot een toewijzing van een standplaats of woonwagen overgegaan wordt, zal altijd in overleg getreden worden met de huidige bewoners van de betreffende woonwagenlocatie. De sociaal-maatschappelijke verhoudingen op de betreffende woonwagenlocatie kunnen aanleiding zijn om af te wijken van de in artikel 6 en 7 beschreven volgorde. Het college van burgemeester en wethouders besluit aan de hand van de plaats op de wachtlijst én het overleg aan wie een standplaats wordt aangeboden. Op het moment dat een standplaats vrijkomt, geldt de volgorde die dan uit de wachtlijst op te maken valt. Dat betekent dat diegene die zich inschrijft nádat de standplaats vrijkomt geen kans maakt.

Rechtspraak bij dit artikel