Onverminderd artikel 2, tweede lid wordt de hoogte en duur van
de maatregel die hoort bij een verwijtbare gedraging als
omschreven in artikel 9 vastgesteld op:
10% van de grondslag gedurende een maand bij gedragingen
van de eerste categorie;
20% van de grondslag gedurende een maand bij gedragingen
van de tweede categorie;
30% van de grondslag gedurende een maand bij gedragingen
van de derde categorie;
100% van de grondslag gedurende twee maanden bij
gedragingen van de vierde categorie met dien verstande
dat bij het niet behouden van de dienstbetrekking of het
niet aanvaarden dan wel verkrijgen van algemeen
geaccepteerde arbeid van geringe omvang, de hoogte van
de maatregel wordt vastgesteld naar de mate waarin
belanghebbende inkomen heeft verloren of zou hebben
kunnen verwerven.
De duur van de maatregel als bedoeld in het eerste lid wordt
verdubbeld, indien belang-hebbende zich binnen twaalf maanden na
de vorige als verwijtbaar aangemerkte gedraging opnieuw schuldig
maakt aan een verwijtbare gedraging uit dezelfde of een hogere
categorie.
Bij volharding in een verwijtbare gedraging en voorts nadat twee
eerdere maatregelen zijn opgelegd voor dezelfde gedraging, wordt
tevens de hoogte van de maatregel verdubbeld.
Hoofdstuk
Artikel 10.
De hoogte en duur van de maatregel
Onderdeel van Maatregelenverordening IOAW en IOAZ gemeente Steenbergen