**1..** Het is verboden te vellen:
houtopstanden die op de KMBT vermeld staan;
houtopstanden die in een eco- of klimaatwaarde staan, waarbij bomen een minimale stamomtrek van 40 cm gemeten op 1,30m hoogte boven het maaiveld hebben;
**2..** Het in het eerste lid gestelde verbod geldt eveneens voor herplant op grond van artikel 10, 11 of 12, ongeacht hun standplaats of stamomtrek.
**3..** Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet:
voor een houtopstand die moet worden geveld op grond van de Plantgezondheidswet op grond van een aanschrijving van het bevoegd gezag;
in het kader van regulier onderhoud bij:
hakhout: snoeien;
knotten (uitgezonderd de 1e keer knotten) en kandelaberen;
vormbomen;
houtwal of houtsingel: tot maximaal 40 procent volumevermindering van de zelfstandige eenheid, met behoud van de huidige oppervlakte, door op bosbouwkundig verantwoorde wijze snoeien, scheren of kappen van houtopstanden die een stamomtrek kleiner dan 40 cm gemeten op 1,30 m hoogte boven het maaiveld hebben;
hagen/heesters: snoeien en scheren;
bomen die staan in heg/haag van dezelfde soort die een hoogte hebben van minder dan 3 meter;
noodzakelijke inboet van houtopstanden;
begeleidingssnoei van bomen in de jeugdfase.
**4..** Het in het eerste lid sub b gestelde verbod geldt ook niet voor de volgende houtopstanden:
niet monumentale bomen en struiken die specifiek voor het oogsten van fruit, noten of vruchten zijn geteeld;
niet monumentale houtopstanden die windschermen om boomgaarden vormen;
naaldbomen die kennelijk bedoeld zijn als kerstbomen én niet ouder zijn dan 20 jaar;
kweekgoed;
beplanting die bestaan uit populieren, wilgen, essen of elzen en duidelijk bedoeld zijn voor de productie van houtige biomassa onder de volgende voorwaarden:
het oogsten vindt minstens 1 keer per 10 jaar plaats;
de beplantingen bestaan uit minstens 10.000 stoven per hectare per beplantingseenheid;
een beplantingseenheid moet bestaan uit aaneengesloten beplanting zonder doorsnijding door meer dan 2 meter brede onbeplante stroken;
de beplantingen zijn aangelegd na 1 januari 2013.
**5..** Het bevoegd gezag kan indien een houtopstand acuut gevaar oplevert die noodkap noodzakelijk maakt, besluiten dat een houtopstand vooruitlopend op het verlenen van de omgevingsvergunning geveld mag worden. De omgevingsvergunning voor het vellen van een houtopstand wordt zo spoedig mogelijk na het vellen aangevraagd en verleend.
**6..** In geval van spoedkap kan op basis van artikel 16.79, vijfde lid, van de Omgevingswet een versnelde procedure plaatsvinden, waarbij het besluit direct na bekendmaking in werking treedt. Deze versnelde procedure moet worden voorafgegaan door een schriftelijke bekendmaking.
Artikel 3:
Velverbod Kaart Monumentale Bomen Tilburg (KMBT), eco- en klimaatwaarde
Onderdeel van Bomenverordening Gemeente Tilburg 2024