**a..** In afwijking van artikel 14, eerste lid, van de ASV, dient een aanbieder die subsidie ontvangt tot en met € 10.000 uiterlijk 13 weken nadat de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht, een aanvraag tot vaststelling in.
**b..** Een aanvraag tot vaststelling, zoals bedoeld in artikel 16, eerste lid van de ASV, omvat een inhoudelijk en financieel verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht.
**c..** Een aanvraag tot vaststelling bevat, in aanvulling op artikel 15, tweede lid en artikel 16, tweede lid, letter a, van de ASV, een overzicht van de daadwerkelijk bezette uren peuterwerk en VE.
**d..** In het geval er minder peuters gebruik hebben gemaakt van peuteropvang dan wel VE wordt het subsidiebedrag naar rato lager vastgesteld.
**e..** Vanaf verantwoordingsjaar 2026 legt de aanbieder verantwoording af over de invulling van artikel 11, het gebruik van de Friese taal. Over 2025, het overgangsjaar, moet de aanbieder aantonen hoe er wordt omgegaan met het gebruik van de Friese taal en hoe er wordt toegewerkt naar een volledige invulling van artikel 11.
Hoofdstuk 2.
Artikel 13.
Verantwoording
Onderdeel van Subsidieregeling Peuterwerk en Voorschoolse educatie (VE)