Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk I

Artikel 1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Beleidsregels gehandicaptenparkeerplaatsen op kenteken Dijk en Waard 2024

1.. In deze beleidsregel wordt verstaan onder: Parkeerplaats: een verhard oppervlak, bestemd voor het parkeren van een motorvoertuig, met de minimale afmetingen van 2,50 meter breed en 5 meter lang. Gehandicaptenparkeerplaats: een parkeerplaats, aangeduid met het bord E6 van bijlage 2 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990). Houder van een voertuig: degene die beschikt over een op zijn naam gesteld kentekenbewijs van het voertuig; degene die blijkens een leaseovereenkomst gebruiker is van het voertuig; degene die beschikt over een op naam afgegeven verzekeringsbewijs van een niet-kentekenplichtig voertuig. Huisgenoot: iemand die op hetzelfde adres staat ingeschreven als de houder van een Europese Gehandicaptenparkeerkaart. Gemachtigde: iemand die aantoonbaar bevoegd is namens de aanvrager te mogen handelen. Stallingsplaats: een parkeerplaats op eigen erf die niet voor openbaar verkeer is bedoeld: een oprit; een garage met een oprit (conform de geldende beleidsregels voor parkeernormen wordt een garage zonder oprit bij de woning niet beschouwd als een parkeerplaats op eigen erf); een gereserveerde parkeerplaats; een los van de woning gehuurde of gekochte garagebox binnen een loopafstand van 100 meter van de woning; een plek in een parkeergarage of op een parkeerterrein die juridisch, feitelijk of planologisch is bestemd voor het adres van verzoeker en die niet voor openbaar verkeer is bedoeld. Verkeersbesluit: een besluit als bedoeld in artikel 15 Wegenverkeerswet 1994, op grond waarvan het bord als bedoeld onder b kan worden geplaatst. Voertuig: een motorvoertuig, gehandicaptenvoertuig of brommobiel. Werknemer: daarmee wordt tevens bedoeld iedere persoon die voor een werkgever arbeid of werkzaamheden verricht, zoals bedoeld in artikel 7:400, artikel 7:610 of artikel 7:750 van het Burgerlijk wetboek. Werkgever: daarmee wordt tevens bedoeld kantoor, onderneming en wat dies meer zij, die met werknemer een overeenkomst heeft zoals bedoeld in artikel 7:400, artikel 7:610 of artikel 7:750 van het Burgerlijk wetboek.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel