Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Behandeling van de interne melding

Onderdeel van Regeling vermoeden misstand en inbreuk op het Unierecht Veenendaal

1. De werkgever registreert een melding van een vermoeden van een misstand bij de ontvangst ervan. Als de gemelde misstand betrekking heeft op een inbreuk op het Unierecht, dan  vermeldt de werkgever dat. 2. De gegevens van de melding worden vernietigd als zij niet langer noodzakelijk zijn. Zolang  een onderzoek naar een melding loopt of nadien een melding bij een bevoegde autoriteit is gedaan of een klacht- of gerechtelijke procedure loopt, blijven de gegevens van  een melding in een registratie in ieder geval behouden. 3. De werkgever stelt direct na de melding een onderzoek in naar de vermoede misstand, tenzij: a. het vermoeden niet gebaseerd is op redelijke gronden; of b. op voorhand duidelijk is dat het gemelde geen betrekking heeft op een vermoeden van een misstand. 4. De werkgever draagt het onderzoek op aan onderzoekers die onafhankelijk en onpartijdig zijn. 5. De werkgever informeert de melder schriftelijk dat een onderzoek is ingesteld en door wie het  onderzoek wordt uitgevoerd. Dit doet de werkgever direct nadat het onderzoek ingesteld is. 6. Als de werkgever besluit geen onderzoek in te stellen, informeert hij de melder schriftelijk binnen twee weken na de melding. Daarbij geeft de werkgever aan waarom geen onderzoek wordt ingesteld. 7. De werkgever beoordeelt of de afdeling onderzoek van het Huis voor Klokkenluiders of een bevoegde autoriteit van de melding op de hoogte moet worden gebracht. Als de werkgever de afdeling onderzoek van het Huis voor Klokkenluiders of een bevoegde autoriteit op de hoogte stelt, stuurt hij de melder hiervan een afschrift, tenzij het onderzoeksbelang of het handhavingsbelang daardoor wordt geschaad. 8. De werkgever informeert de personen op wie een melding betrekking heeft over de melding, tenzij het onderzoeksbelang of het handhavingsbelang daardoor wordt geschaad.

Rechtspraak bij dit artikel