Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.1

Artikel 4.1.1

Alcoholvergunning

Onderdeel van Uitvoeringsbeleid horeca Oirschot 2024

Op grond van artikel 3 van de Alcoholwet is het voor een (paracommercieel) horecabedrijf verboden het horecabedrijf uit te oefenen zonder een vergunning van de burgemeester. Een (nieuwe) alcoholvergunning moet worden aangevraagd als: er sprake is van nieuwvestiging of overname van een horecabedrijf; de ondernemingsvorm verandert; een bestaand bedrijf dat al een vergunning heeft een dusdanige verbouwing ondergaat dat de inrichting verandert (niet zijnde wijziging inrichting). Een alcoholvergunning kan alleen worden verleend voor de uitoefening van een horecabedrijf in een inrichting, eventueel met een onmiddellijk aansluitend terras. In de Alcoholwet zijn de bepalingen opgenomen waaraan voldaan moet worden om een alcoholvergunning te kunnen krijgen. Wanneer daar niet aan voldaan wordt moet de burgemeester de alcoholvergunning weigeren (artikel 27 Alcoholwet). Voor paracommerciële horecabedrijven is aanvullend hierop nog bepaald dat het bestuur een reglement moet vaststellen dat waarborgt dat de verstrekking van alcohol in de inrichting vanuit het oogpunt van sociale hygiëne op verantwoorde wijze gebeurd (artikel 9 Alcoholwet). Het wel of niet voldoen aan het omgevingsplan is niet relevant voor de beoordeling van de aanvraag om een alcoholvergunning. Het kan dus voorkomen dat de alcoholvergunning verleend moet worden, maar dat deze niet gebruikt kan worden omdat horeca niet past binnen het omgevingsplan. Schorsen en intrekken vergunning Een alcoholvergunning kan worden geschorst (artikel 32 Alcoholwet) en worden ingetrokken (artikel 31 Alcoholwet). Vervallen vergunning Een alcoholvergunning kan van rechtswege vervallen (artikel 33 Alcoholwet). Dit betekent dat de vergunning automatisch vervalt als een genoemde reden in artikel 33 Alcoholwet van toepassing is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel